ECLI:NL:CRVB:2021:3339
2018, 386) (Rechtspositiebesluit). 4.7.1. Artikel 3.1.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit bepaalt, voor zover hier van belang, dat een raadslid met ingang van de dag van zijn beëdiging gedurende zijn lidmaatschap...
2018, 386) (Rechtspositiebesluit). 4.7.1. Artikel 3.1.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit bepaalt, voor zover hier van belang, dat een raadslid met ingang van de dag van zijn beëdiging gedurende zijn lidmaatschap...
gtreding van de Intrekkingswet, zo volgt uit artikel 8, tweede lid, van de Wrr, van rechtswege opgeschort. De in artikel VI neergelegde terugwerkende kracht tot aan de bekrachtiging maakt dit niet anders, want ook terugwerkende kracht geldt pas wanne...
2018, 386) (Rechtspositiebesluit). 4.7.1. Artikel 3.1.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit bepaalt, voor zover hier van belang, dat een raadslid met ingang van de dag van zijn beëdiging gedurende zijn lidmaatschap...
gtreding van de Intrekkingswet, zo volgt uit artikel 8, tweede lid, van de Wrr, van rechtswege opgeschort. De in artikel VI neergelegde terugwerkende kracht tot aan de bekrachtiging maakt dit niet anders, want ook terugwerkende kracht geldt pas wanne...
8. De conclusie is dat de bestuursbeslissing van 16 maart 2021 een (wetsinterpreterende) beleidsregel is in de zin van artikel 1:3, vierde lid, van de Awb. Tegen dit besluit konden appellanten gelet op artikel 8:3, eerste lid, aanhef en onder a, van...
Nu niet is gebleken dat Meer Democratie een afzonderlijk procesbelang heeft bij de behandeling van het ingestelde beroep tegen het niet tijdig nemen van een zodanig besluit, is dit beroep niet-ontvankelijk. De schriftelijke weigering een bes...
rrichten is niet gebleken. Er is reeds daarom geen reden dat het Uwv de door appellant als raadslid ontvangen inkomsten anders zou moeten behandelen dan door niet-volksvertegenwoordigers ontvangen inkomsten. Voor het buiten toepassing laten van artik...
Nu niet is gebleken dat Meer Democratie een afzonderlijk procesbelang heeft bij de behandeling van het ingestelde beroep tegen het niet tijdig nemen van een zodanig besluit, is dit beroep niet-ontvankelijk. De schriftelijke weigering een bes...
rrichten is niet gebleken. Er is reeds daarom geen reden dat het Uwv de door appellant als raadslid ontvangen inkomsten anders zou moeten behandelen dan door niet-volksvertegenwoordigers ontvangen inkomsten. Voor het buiten toepassing laten van artik...
Nu niet is gebleken dat Meer Democratie een afzonderlijk procesbelang heeft bij de behandeling van het ingestelde beroep tegen het niet tijdig nemen van een zodanig besluit, is dit beroep niet-ontvankelijk. De schriftelijke weigering een bes...