ECLI:NL:HR:2016:252
ECLI:NL:HR:1981:AG4158
ECLI:NL:HR:1997:AA2133
s de huidige faciliteit de loonkosten van de Nederlandse zeescheepvaart te verlichten en bij te dragen aan verbetering van de concurrentiepositie van de Nederlandse koopvaardij en daarmee aan het behoud van een vloot onder Nederlandse vlag met de daa...
ECLI:NL:HR:1997:AA2133
...)" B. . De in de Stcrt. t. a. p. opgenomen toelichtende brief van de minister van Verkeer en Waterstaat hield in: "(...) Op dit moment zijn de concurrentiepositie en de rentabiliteit van de Nederlandse zeescheepvaart nog onvoldoende om de noodzake...
ECLI:NL:HR:2018:142
onder a, LLMC. 3.7.3 Deze samenloop leidt, uitgaande van het stelsel van de LLMC, niet tot vragen van uitleg omdat in beide gevallen dezelfde (in art. 6 e.v. LLMC geregelde) limieten gelden. Dat is ec...
ECLI:NL:HR:2018:140
g genoemde gronden voor beperking vatbaar zijn. Dat kan (onder meer) het geval zijn met een regresvordering ter zake van hulpverlening van een scheepseigenaar die onder art. 2 lid 1, onder d en e, LLMC valt. Die vordering kan onder omstandigheden tev...
ECLI:NL:RVS:1999:AA3691
BVS). Ingevolge artikel 8 van het BVS dient door of namens de kapitein, eigenaar of rompbevrachter van een naar zee vertrekkend zeeschip, waarvoor het tarief nog niet is voldaan, ten genoegen van de met de inning van dit tarief belaste instantie zeke...
ECLI:NL:RVS:2002:AF2526
2.1. Ten aanzien van het hoger beroep van de agenten De rechtbank heeft, samengevat weergegeven, overwogen dat door de agenten zowel op eigen naam als namens de door hen vertegenwoordigden bezwaren zijn gemaakt en beroepen zijn ingedi...
ECLI:NL:RVS:2002:AF2529
2.1. Ten aanzien van het hoger beroep van de agenten Het hoger beroep van de agenten richt zich tegen de overweging van de rechtbank dat het beroep moet worden geacht te zijn ingesteld door en namens de scheepseigenaren, zodat er de fact...