ECLI:NL:HR:2014:335
ECLI:NL:HR:1979:AH8595
ECLI:NL:HR:2016:2998
ECLI:NL:HR:2019:2034
ECLI:NL:HR:2006:AU6631
ECLI:NL:GHARN:2006:AZ1515
een goed pachter in de zin van artikel 25 Pachtwet heeft gedragen. 4.15 [appellant] heeft geen feiten of omstandigheden gesteld waaruit zich laat afleiden dat het berekende “verlies” van 98 eenheden varkensrecht berust op een gebrek aan zorg door wij...
ECLI:NL:GHARL:2015:5808
4.3 Met de grieven I en II heeft de gemeente zich op het standpunt gesteld dat het dwingendrechtelijk karakter van artikel 31 Pachtwet (thans artikel 7:350 BW) in de weg staat aan een beroep op de overeenkomsten van 24 februari 1998. Dit verwee...
ECLI:NL:GHARL:2015:5808
4.3 Met de grieven I en II heeft de gemeente zich op het standpunt gesteld dat het dwingendrechtelijk karakter van artikel 31 Pachtwet (thans artikel 7:350 BW) in de weg staat aan een beroep op de overeenkomsten van 24 februari 1998. Dit verwee...
ECLI:NL:GHARL:2026:3583
ndeplaatsstelling gedurende enige jaren in vennootschapsverband met de zittende pachter samenwerkt, en ook dat vervolgens na die indeplaatsstelling de afgaande pachter nog enige jaren als vennoot bij het bedrijf betrokken blijft. Daarmee is de verpli...