BWBV0005912
Geldig vanaf 14-08-1927
Artikel 3
Nederlandsch-Duitsch Arbitrage- en Verzoeningsverdrag
Bij vragen, die krachtens de landswetten van de Partij, tegen wie een eisch wordt ingesteld, door de rechterlijke autoriteiten, met inbegrip van de administratieve gerechten, beslist moeten worden, kan deze Partij verlangen, dat de geschillen eerst dan aan de arbitrage-procedure worden onderworpen, nadat in de gerechtelijke procedure een eindvonnis gewezen is en dat zij uiterlijk zes maanden na deze beslissing voor het Scheidsgerecht worden gebracht. Dit geldt niet, wanneer het een geval van rechtsweigering betreft en de wettelijk voorgeschreven instanties zijn ingeroepen.
Ontstaat er tusschen de Partijen verschil van meening over de toepassing van bovenstaande bepaling, dan wordt daarover volgens de arbitrage-procedure beslist.
Ontstaat er tusschen de Partijen verschil van meening over de toepassing van bovenstaande bepaling, dan wordt daarover volgens de arbitrage-procedure beslist.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0005912
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl