BWBV0005066
Geldig vanaf 19-03-1956
Artikel 3
Overeenkomst inzake overdracht door de Republiek Indonesië aan het Koninkrijk der Nederlanden van vorderingen op Nederlanders
De Regering van de Republiek Indonesië draagt voor zover mogelijk aan het Ministerie van Buitenlandse Zaken te 's-Gravenhage c.q. aan het Hoge Commissariaat der Nederlanden te Djakarta over alle administratieve bescheiden, welke op de in artikel 1 genoemde vorderingen betrekking hebben; voor zover overdracht dier bescheiden niet mogelijk is, verleent Indonesië daarvan inzage en staat toe dat ervan afschriften worden genomen.
Voor zover de in artikel 1 bedoelde vorderingen nog niet door de Indonesische administratie zijn vastgesteld, zal Indonesië voor zover zulks door Indonesië mogelijk wordt geacht, de daartoe aan te wijzen Nederlandse instantie(s) medewerking verlenen om alsnog tot vaststelling te kunnen komen.
Voor zover de in artikel 1 bedoelde vorderingen nog niet door de Indonesische administratie zijn vastgesteld, zal Indonesië voor zover zulks door Indonesië mogelijk wordt geacht, de daartoe aan te wijzen Nederlandse instantie(s) medewerking verlenen om alsnog tot vaststelling te kunnen komen.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0005066
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl