BWBV0004663
Geldig vanaf 01-02-1973
Artikel 34
Verdrag betreffende de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken
Het gerecht, tot hetwelk het verzoek is gericht, doet onverwijld uitspraak; de partij tegen wie de tenuitvoerlegging wordt gevraagd, wordt in deze stand van de procedure niet gehoord.
Het verzoek kan slechts om een van de in de artikelen 27 en 28 genoemde redenen worden afgewezen.
In geen geval wordt overgegaan tot een onderzoek van de juistheid van de in den vreemde gegeven beslissing.
Het verzoek kan slechts om een van de in de artikelen 27 en 28 genoemde redenen worden afgewezen.
In geen geval wordt overgegaan tot een onderzoek van de juistheid van de in den vreemde gegeven beslissing.
- Citeren als
- Art. 34
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0004663
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl