BWBV0004552
Geldig vanaf 17-11-1964
Artikel 4
Overeenkomst inzake maatregelen en procedures nodig ter toepassing van de Overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Economische Gemeenschap en Turkije
Wanneer een Lid-Staat het nodig oordeelt zijn toevlucht te nemen tot artikel 25 van de Associatieovereenkomst op gebieden die niet tot de bevoegdheid der Gemeenschap behoren, raadpleegt hij vooraf de overige Lid-Staten.
Indien de Associatieraad zijn standpunt moet bepalen ten aanzien van het optreden van de in de voorgaande alinea bedoelde Lid-Staat, is het door de Gemeenschap in te nemen standpunt dat van de betrokken Lid-Staat, tenzij de vertegenwoordigers van de Lid-Staten, in het kader van de Raad bijeen, met eenparigheid van stemmen anders beslissen.
Indien de Associatieraad zijn standpunt moet bepalen ten aanzien van het optreden van de in de voorgaande alinea bedoelde Lid-Staat, is het door de Gemeenschap in te nemen standpunt dat van de betrokken Lid-Staat, tenzij de vertegenwoordigers van de Lid-Staten, in het kader van de Raad bijeen, met eenparigheid van stemmen anders beslissen.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0004552
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl