BWBV0004398
Geldig vanaf 12-07-1968
Artikel 1
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland nopens de regeling van de spoorweggrensovergangen
1. De Verdragsluitende Partijen houden de op het tijdstip van inwerkingtreding van dit Verdrag bestaande spoorweggrensovergangen in stand, onder voorbehoud van het in artikel 2 bepaalde. Deze overgangen zijn vermeld in Bijlage 1 bij dit Verdrag.
2. De Verdragsluitende Partijen streven er met inachtneming van hun wettelijke bepalingen naar, dat de spoorwegadministraties in beide Staten
a. de installaties van de spoorweggrensovergangen onderhouden en vernieuwen, en eventueel veranderen en uitbreiden, op een wijze die in overeenstemming is met de eisen van het grensoverschrijdende spoorwegverkeer;
b. de spoorweggrensovergangen naar aard en omvang zodanig gebruiken, dat zij op economische wijze voldoen aan de behoeften van het grensoverschrijdende spoorwegverkeer.
3. Elk der Verdragsluitende Partijen is gehouden, op verzoek van de andere Partij met haar in overleg te treden over de toepassing van dit artikel.
2. De Verdragsluitende Partijen streven er met inachtneming van hun wettelijke bepalingen naar, dat de spoorwegadministraties in beide Staten
a. de installaties van de spoorweggrensovergangen onderhouden en vernieuwen, en eventueel veranderen en uitbreiden, op een wijze die in overeenstemming is met de eisen van het grensoverschrijdende spoorwegverkeer;
b. de spoorweggrensovergangen naar aard en omvang zodanig gebruiken, dat zij op economische wijze voldoen aan de behoeften van het grensoverschrijdende spoorwegverkeer.
3. Elk der Verdragsluitende Partijen is gehouden, op verzoek van de andere Partij met haar in overleg te treden over de toepassing van dit artikel.
- Citeren als
- Art. 1
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0004398
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl