1. De op de algemene begroting van de Europese Unie opgevoerde eigen middelen worden gevormd door de ontvangsten uit:
a. de heffingen, premies, extra bedragen of compenserende bedragen, aanvullende bedragen of aanvullende elementen, rechten van het gemeenschappelijk douanetarief en de overige door de instellingen van de Gemeenschappen ingevoerde of in te voeren rechten op het handelsverkeer met niet-lidstaten, de douanerechten op de onder het vervallen Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal vallende producten, alsmede de bijdragen en andere heffingen die in het kader van de gemeenschappelijke ordening der markten in de sector suiker zijn vastgesteld;
b. onverminderd het bepaalde in lid 4, tweede alinea, de toepassing van een voor alle lidstaten geldend uniform percentage op de btw-grondslag die op uniforme wijze is vastgesteld volgens communautaire voorschriften. De hiertoe in aanmerking te nemen grondslag mag niet meer bedragen dan 50% van het bni van elke lidstaat, als omschreven in lid 7;
c. onverminderd het bepaalde in lid 5, tweede alinea, de toepassing van een, met inachtneming van alle andere ontvangsten, in het kader van de begrotingsprocedure vast te stellen uniform percentage op de som van het bni van alle lidstaten.
2. De ontvangsten uit andere belastingen die in het kader van een gemeenschappelijk beleid overeenkomstig het
EG-Verdrag of het Euratom-Verdrag worden ingesteld, voor zover de procedure van
artikel 269 van het EG-Verdrag of van artikel 173 van het Euratom-Verdrag is gevolgd, vormen eveneens eigen middelen die op de algemene begroting van de Europese Unie worden opgevoerd.
3. De lidstaten houden 25% van de in lid 1, onder a, bedoelde bedragen in als inningskosten.
4. Het in lid 1, onder b, bedoelde uniforme percentage bedraagt 0,30%.
Het afdrachtpercentage van de btw-bron voor alleen de periode 2007– 2013 wordt voor Oostenrijk vastgesteld op 0,225%, voor Duitsland op 0,15% en voor Nederland en Zweden op 0,10%.
5. Het in lid 1, onder c, bedoelde uniform percentage is van toepassing op het bni van elke lidstaat.
Voor alleen de periode 2007–2013 zal de jaarlijkse bni-bijdrage van Nederland worden verminderd met een brutobedrag van 605 miljoen EUR en de jaarlijkse bni-bijdrage van Zweden met een brutobedrag van 150 miljoen EUR, uitgedrukt in prijzen van 2004. Deze bedragen worden in actuele prijzen omgerekend door toepassing van de door de Commissie meegedeelde, meest recente bbp-deflator voor de Europese Unie in euro, die beschikbaar is bij de opstelling van het voorontwerp van begroting. Deze brutoverminderingen worden toegestaan nadat overeenkomstig de artikelen 4 en 5 van dit besluit de korting voor het Verenigd Koninkrijk is berekend en de financiering ervan is vastgesteld, en hebben daarop geen invloed.
6. Indien de begroting bij het begin van het begrotingsjaar niet is vastgesteld, blijven de bestaande btw- en bni-afdrachtpercentages van toepassing tot de inwerkingtreding van de nieuwe percentages.
7. Voor de toepassing van dit besluit wordt onder bni verstaan: bruto nationaal inkomen voor het betrokken jaar tegen marktprijzen, zoals bepaald door de Commissie krachtens het ESR 95, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 2223/96. Indien wijzigingen van het ESR 95 resulteren in significante veranderingen in het bni, zoals bepaald door de Commissie, besluit de Raad, op voorstel van de Commissie en na raadpleging van het Europees Parlement, met eenparigheid van stemmen of deze wijzigingen gelden voor de toepassing van dit besluit.