BWBV0003140
Artikel 10
Verdrag tussen de Lid-Staten van de Europese Gemeenschap inzake de tenuitvoerlegging van buitenlandse strafvonnissen
Zodra de Staat van veroordeling de overdracht van de tenuitvoerlegging van een veroordeling tot een vrijheidsstraf heeft gevraagd of aanvaard, kan de Staat van tenuitvoerlegging de veroordeelde aanhouden of andere voorlopige maatregelen nemen, indien:
a de wet van de Staat van tenuitvoerlegging voorlopige hechtenis of de toepassing van andere maatregelen toelaat uit hoofde van het strafbare feit terzake waarvan de veroordeling is uitgesproken, en
b. er redenen bestaan te vrezen dat de veroordeelde zal ontvluchten.
a de wet van de Staat van tenuitvoerlegging voorlopige hechtenis of de toepassing van andere maatregelen toelaat uit hoofde van het strafbare feit terzake waarvan de veroordeling is uitgesproken, en
b. er redenen bestaan te vrezen dat de veroordeelde zal ontvluchten.
- Citeren als
- Art. 10
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0003140
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl