BWBV0001330
Geldig vanaf 01-07-1998
Artikel 5
Verdrag inzake de overbrenging van gevonniste personen tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Venezuela
1. De verzoeken tot overbrenging en de antwoorden daarop geschieden schriftelijk.
2. De verzoeken worden door de Minister van Justitie van de verzoekende Staat aan de Minister van Justitie van de aangezochte Staat gericht. De beantwoording van de verzoeken, alsmede alle met de verzoeken verband houdende verstrekking van stukken door beide Staten aan elkaar, vindt ook plaats door de Ministers van Justitie.
2. De verzoeken worden door de Minister van Justitie van de verzoekende Staat aan de Minister van Justitie van de aangezochte Staat gericht. De beantwoording van de verzoeken, alsmede alle met de verzoeken verband houdende verstrekking van stukken door beide Staten aan elkaar, vindt ook plaats door de Ministers van Justitie.
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0001330
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl