BWBR0052518
Geldig vanaf 14-04-2026
Artikel 2
Vervangingsregeling CBR 2026
1. Onverminderd het bepaalde in artikel 4ad lid 3 van de Wegenverkeerswet 1994 met betrekking tot ontstentenis van een directielid wordt bij afwezigheid of verhindering van een bevoegde, voor de duur van de afwezigheid of verhindering, de bevoegdheid uitgeoefend conform tabel 1 of hetgeen bepaald in artikel 3 in de aangegeven volgorde;
2. Van deze vervangingsregeling wordt geen gebruik gemaakt als er sprake is van een reeds verleende bevoegdheid en deze laatste gebruikt kan worden;
3. Van deze vervangingsregeling wordt geen gebruik gemaakt indien de aard van de bevoegdheid zich verzet tegen uitoefening van die bevoegdheid bij vervanging.
[tabel]
2. Van deze vervangingsregeling wordt geen gebruik gemaakt als er sprake is van een reeds verleende bevoegdheid en deze laatste gebruikt kan worden;
3. Van deze vervangingsregeling wordt geen gebruik gemaakt indien de aard van de bevoegdheid zich verzet tegen uitoefening van die bevoegdheid bij vervanging.
[tabel]
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0052518
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl