BWBR0052266
Geldig vanaf 06-02-2026
Artikel 2
Instellingsbesluit Commissie ICT-inbreuk openbaar ministerie
1. Er is een Commissie ICT-inbreuk openbaar ministerie.
2. De commissie heeft tot taak het onderzoeken van de ICT-inbreuk bij het openbaar ministerie zoals gemanifesteerd op 17 juli 2025. Daarbij worden in elk geval de volgende elementen betrokken:
a. een terugblik op het incident;
b. de (eerste) reactie van het openbaar ministerie hierop;
c. welke stappen het openbaar ministerie op welk moment heeft gezet en welke risico’s hierbij zijn gesignaleerd;
d. het herstel na het incident en hoe dit herstel is vormgegeven.
3. De commissie betrekt hierbij onder meer de complexiteit van de strafrechtketen en de onderlinge (digitale) afhankelijkheden, bij zowel de gevolgbestrijding als de uitvoering van de noodoplossingen.
4. Naar aanleiding van haar bevindingen en conclusies is de commissie bevoegd aanbevelingen te doen, zoals over de wijze waarop incidenten in de informatiebeveiliging in de toekomst zo veel mogelijk kunnen worden voorkomen, vroegtijdig te detecteren dan wel de impact van (misbruik van) deze kwetsbaarheden kunnen worden beperkt rekening houdend met de ketenorganisaties.
2. De commissie heeft tot taak het onderzoeken van de ICT-inbreuk bij het openbaar ministerie zoals gemanifesteerd op 17 juli 2025. Daarbij worden in elk geval de volgende elementen betrokken:
a. een terugblik op het incident;
b. de (eerste) reactie van het openbaar ministerie hierop;
c. welke stappen het openbaar ministerie op welk moment heeft gezet en welke risico’s hierbij zijn gesignaleerd;
d. het herstel na het incident en hoe dit herstel is vormgegeven.
3. De commissie betrekt hierbij onder meer de complexiteit van de strafrechtketen en de onderlinge (digitale) afhankelijkheden, bij zowel de gevolgbestrijding als de uitvoering van de noodoplossingen.
4. Naar aanleiding van haar bevindingen en conclusies is de commissie bevoegd aanbevelingen te doen, zoals over de wijze waarop incidenten in de informatiebeveiliging in de toekomst zo veel mogelijk kunnen worden voorkomen, vroegtijdig te detecteren dan wel de impact van (misbruik van) deze kwetsbaarheden kunnen worden beperkt rekening houdend met de ketenorganisaties.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0052266
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl