BWBR0051981
Geldig vanaf 2025-12-20
Artikel 4
Mandaatbesluit Inspectie Overheidsinformatie en Erfgoed 2025
Aan de inspecteur-generaal is voorbehouden:
a. Het nemen van besluiten, het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen en het verrichten van handelingen die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn betreffende aangelegenheden: 1° waarvan de inspecteur-generaal mededeling heeft gedaan dat deze door hem zullen worden behandeld.
2° die het werkterrein van meerdere afdelingen raken, tenzij daarover tussen de betrokken afdelingshoofden overeenstemming bestaat.
1° waarvan de inspecteur-generaal mededeling heeft gedaan dat deze door hem zullen worden behandeld.
2° die het werkterrein van meerdere afdelingen raken, tenzij daarover tussen de betrokken afdelingshoofden overeenstemming bestaat.
b. Het vaststellen van: 1°. beleidsregels;
2°. de toezichtstrategie, inclusief handhavingsstrategie;
3°. het werkprogramma van de Inspectie Overheidsinformatie en Erfgoed.
1°. beleidsregels;
2°. de toezichtstrategie, inclusief handhavingsstrategie;
3°. het werkprogramma van de Inspectie Overheidsinformatie en Erfgoed.
c. het verlenen, wijzigen of intrekken van mandaat.
d. het geven van een aanwijzing in de zin van artikel 24, eerste lid, Archiefwet.
e. het opleggen van een last onder bestuursdwang of een last onder dwangsom.
f. het geven van een beschikking tot inbewaringneming van cultuurgoederen als bedoeld in de artikelen 6.5 en 6.12 Erfgoedwet.
g. het sluiten van convenanten als omschreven in artikel 1, onder c.
h. het beoordelen van een klacht in de zin van hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht.
a. Het nemen van besluiten, het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen en het verrichten van handelingen die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn betreffende aangelegenheden: 1° waarvan de inspecteur-generaal mededeling heeft gedaan dat deze door hem zullen worden behandeld.
2° die het werkterrein van meerdere afdelingen raken, tenzij daarover tussen de betrokken afdelingshoofden overeenstemming bestaat.
1° waarvan de inspecteur-generaal mededeling heeft gedaan dat deze door hem zullen worden behandeld.
2° die het werkterrein van meerdere afdelingen raken, tenzij daarover tussen de betrokken afdelingshoofden overeenstemming bestaat.
b. Het vaststellen van: 1°. beleidsregels;
2°. de toezichtstrategie, inclusief handhavingsstrategie;
3°. het werkprogramma van de Inspectie Overheidsinformatie en Erfgoed.
1°. beleidsregels;
2°. de toezichtstrategie, inclusief handhavingsstrategie;
3°. het werkprogramma van de Inspectie Overheidsinformatie en Erfgoed.
c. het verlenen, wijzigen of intrekken van mandaat.
d. het geven van een aanwijzing in de zin van artikel 24, eerste lid, Archiefwet.
e. het opleggen van een last onder bestuursdwang of een last onder dwangsom.
f. het geven van een beschikking tot inbewaringneming van cultuurgoederen als bedoeld in de artikelen 6.5 en 6.12 Erfgoedwet.
g. het sluiten van convenanten als omschreven in artikel 1, onder c.
h. het beoordelen van een klacht in de zin van hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht.