BWBR0051697
Geldig vanaf 2025-11-05
Artikel 2
Beleidsregel handhaving APU-gebruik en taxiën met het minimaal noodzakelijk aantal motoren op de luchthaven Eelde als bedoeld in artikel 7 en 8 van het Luchthavenbesluit
1. De ILT-Luchtvaartautoriteit houdt toezicht op:
a) de duur van het gebruik van de APU door de gezagvoerder terwijl het vliegtuig stilstaat op de afhandelingsplaats;
b) het gebruik van het minimaal noodzakelijk aantal motoren door de gezagvoerder tijdens het taxiën van, naar en over de start- en landingsbaan;
c) de beschikbaarheid en kwaliteit van de infrastructuur en vervangende voorzieningen (GPU’s, FPU’s en PCA’s) zoals gewaarborgd door de exploitant conform de bepalingen in het Luchthavenbesluit;
d) het uitstootvrij zijn van voorzieningen die de exploitant ter beschikking stelt conform de bepalingen in het Luchthavenbesluit.
2. De ILT-Luchtvaartautoriteit treedt niet handhavend op in situaties waar op basis van de AIP-uitzondering op de regel gerechtvaardigd is en bij afwijkingen van de normale bedrijfsvoering.
a) de duur van het gebruik van de APU door de gezagvoerder terwijl het vliegtuig stilstaat op de afhandelingsplaats;
b) het gebruik van het minimaal noodzakelijk aantal motoren door de gezagvoerder tijdens het taxiën van, naar en over de start- en landingsbaan;
c) de beschikbaarheid en kwaliteit van de infrastructuur en vervangende voorzieningen (GPU’s, FPU’s en PCA’s) zoals gewaarborgd door de exploitant conform de bepalingen in het Luchthavenbesluit;
d) het uitstootvrij zijn van voorzieningen die de exploitant ter beschikking stelt conform de bepalingen in het Luchthavenbesluit.
2. De ILT-Luchtvaartautoriteit treedt niet handhavend op in situaties waar op basis van de AIP-uitzondering op de regel gerechtvaardigd is en bij afwijkingen van de normale bedrijfsvoering.