BWBR0051561
Geldig vanaf 04-10-2025
Artikel 12
Bestuursreglement Autoriteit Persoonsgegevens
1. Een lid kan verzoeken zich te mogen verschonen indien hij van mening is dat zijn onpartijdigheid bij een bepaalde aangelegenheid in het geding zou kunnen komen. Indien hij zich wil verschonen, richt hij zijn verzoek aan de voorzitter, dan wel, indien het de voorzitter betreft, aan de vicevoorzitter.
2. Indien de Autoriteit Persoonsgegevens van mening is dat de onpartijdigheid van een lid bij een bepaalde aangelegenheid in het geding zou kunnen komen of de schijn van partijdigheid de taakvervulling van de Autoriteit Persoonsgegevens met betrekking tot die aangelegenheid kan schaden, kan de Autoriteit Persoonsgegevens besluiten een lid ook zonder verzoek verschoning te verlenen.
3. Indien verschoning wordt toegewezen of verleend, neemt het desbetreffende lid niet deel aan de behandeling van en de besluitvorming over de desbetreffende aangelegenheid.
2. Indien de Autoriteit Persoonsgegevens van mening is dat de onpartijdigheid van een lid bij een bepaalde aangelegenheid in het geding zou kunnen komen of de schijn van partijdigheid de taakvervulling van de Autoriteit Persoonsgegevens met betrekking tot die aangelegenheid kan schaden, kan de Autoriteit Persoonsgegevens besluiten een lid ook zonder verzoek verschoning te verlenen.
3. Indien verschoning wordt toegewezen of verleend, neemt het desbetreffende lid niet deel aan de behandeling van en de besluitvorming over de desbetreffende aangelegenheid.
- Citeren als
- Art. 12
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0051561
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl