BWBR0051351
Geldig vanaf 01-01-2026
Artikel 7
Uniform kader beschikbaarheidbijdrage NZa
7.1.1 De NZa vermeldt op de beschikking op welke manier de betaling plaatsvindt: in voorschotten of in zijn geheel bij de vaststelling van de beschikbaarheidbijdrage.
7.1.2 De zorgaanbieder verzoekt bij de verlening het Zorginstituut om de beschikbaarheidbijdrage uit te betalen.
7.1.3 Indien uit de vaststelling van de beschikbaarheidbijdrage blijkt dat de zorgaanbieder nog recht heeft op een bedrag, kan de zorgaanbieder zich wenden tot het Zorginstituut. De uitbetalingsprocedure is te vinden op de website van het Zorginstituut.
7.2.1 De NZa vermeldt op de beschikking of en zo ja welk bedrag onverschuldigd is betaald.
7.2.2 In geval er sprake is van onverschuldigde betaling, vordert de NZa dit bedrag terug van de zorgaanbieder.
7.2.3 De zorgaanbieder betaalt het door de NZa gevorderde bedrag in één keer en binnen 6 weken terug aan het Zorginstituut.
7.2.4 Indien de zorgaanbieder binnen de gestelde termijn van 6 weken niet terugbetaalt, zal een terugvorderingsprocedure gestart worden.
7.1.2 De zorgaanbieder verzoekt bij de verlening het Zorginstituut om de beschikbaarheidbijdrage uit te betalen.
7.1.3 Indien uit de vaststelling van de beschikbaarheidbijdrage blijkt dat de zorgaanbieder nog recht heeft op een bedrag, kan de zorgaanbieder zich wenden tot het Zorginstituut. De uitbetalingsprocedure is te vinden op de website van het Zorginstituut.
7.2.1 De NZa vermeldt op de beschikking of en zo ja welk bedrag onverschuldigd is betaald.
7.2.2 In geval er sprake is van onverschuldigde betaling, vordert de NZa dit bedrag terug van de zorgaanbieder.
7.2.3 De zorgaanbieder betaalt het door de NZa gevorderde bedrag in één keer en binnen 6 weken terug aan het Zorginstituut.
7.2.4 Indien de zorgaanbieder binnen de gestelde termijn van 6 weken niet terugbetaalt, zal een terugvorderingsprocedure gestart worden.
- Citeren als
- Art. 7
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0051351
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl