BWBR0051328
Geldig vanaf 29-07-2025
Artikel 10
Regeling Leesbevordering Nederlands Letterenfonds
1. Het aan te vragen subsidiebedrag bedraagt minimaal € 25.000 en maximaal € 50.000.
2. Maximaal € 500 van het toegekende subsidiebedrag is bestemd als bijdrage aan kosten voor deelname aan een door of namens het Letterenfonds te verrichten impactonderzoek als bedoeld in artikel 15, eerste lid.
3. Aanvragers dienen minimaal 25% van de kosten van het project uit eigen middelen of op andere wijze te financieren.
4. Als de aanvrager is gevestigd in de Cariben, of als een organisatie is gevestigd in Europees Nederland maar voor een project aanvraagt dat in de Cariben met een lokale samenwerkingspartner plaatsvindt, dan dient – in afwijking van het derde lid – de aanvrager minimaal 10% van de kosten van het project uit eigen middelen of op andere wijze te financieren.
5. Als de aanvrager een bibliotheek, POI (Provinciale Ondersteuningsinstelling) of een landelijke ondersteuningsinstelling voor bibliotheken is, dan dient – in afwijking van het derde lid – de aanvrager minimaal 50% van de kosten van het project uit eigen middelen of op andere wijze te financieren. Indien een bibliotheek is gevestigd in de Cariben bedraagt dit percentage 10%.
2. Maximaal € 500 van het toegekende subsidiebedrag is bestemd als bijdrage aan kosten voor deelname aan een door of namens het Letterenfonds te verrichten impactonderzoek als bedoeld in artikel 15, eerste lid.
3. Aanvragers dienen minimaal 25% van de kosten van het project uit eigen middelen of op andere wijze te financieren.
4. Als de aanvrager is gevestigd in de Cariben, of als een organisatie is gevestigd in Europees Nederland maar voor een project aanvraagt dat in de Cariben met een lokale samenwerkingspartner plaatsvindt, dan dient – in afwijking van het derde lid – de aanvrager minimaal 10% van de kosten van het project uit eigen middelen of op andere wijze te financieren.
5. Als de aanvrager een bibliotheek, POI (Provinciale Ondersteuningsinstelling) of een landelijke ondersteuningsinstelling voor bibliotheken is, dan dient – in afwijking van het derde lid – de aanvrager minimaal 50% van de kosten van het project uit eigen middelen of op andere wijze te financieren. Indien een bibliotheek is gevestigd in de Cariben bedraagt dit percentage 10%.
- Citeren als
- Art. 10
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0051328
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl