BWBR0050873
Geldig vanaf 2025-04-01
Artikel 5.1
Regeling beroepsgerelateerde gezondheidsklachten politie
1. Van beroepsmatig verleende juridische bijstand is sprake indien de bijstand wordt verleend door:
a. een persoon die als belangenbehartiger in dienst is van of optreedt namens de politievakorganisaties, bedoeld in artikel 2, tweede lid, van het Besluit overleg en medezeggenschap politie 1994;
b. een persoon die als belangenbehartiger optreedt namens verzekeraars en vakorganisaties die rechtsbijstand verlenen in letselschadezaken;
c. een persoon die als belangenbehartiger werkzaam is bij een organisatie die is ingeschreven bij het nationaal keurmerk letselschade; of
d. een persoon die als belangenbehartiger optreedt en die: 1. op tenminste hbo-niveau juridisch geschoold is, een specialistische letselschade-opleiding met goed gevolg heeft afgerond en zijn kennis actueel houdt; en
2. die voor zijn handelen verzekerd is tegen beroepsaansprakelijkheid en een klachtenregeling heeft; of
3. die werkzaam is bij een organisatie die verzekerd is tegen beroepsaansprakelijkheid en een klachtenregeling heeft.
1. op tenminste hbo-niveau juridisch geschoold is, een specialistische letselschade-opleiding met goed gevolg heeft afgerond en zijn kennis actueel houdt; en
2. die voor zijn handelen verzekerd is tegen beroepsaansprakelijkheid en een klachtenregeling heeft; of
3. die werkzaam is bij een organisatie die verzekerd is tegen beroepsaansprakelijkheid en een klachtenregeling heeft.
2. De hoogte van de tegemoetkoming voor juridische bijstand, bedoeld in artikel 54, eerste lid, van het Barp, is € 526,50.
3. De kosten van juridische bijstand als bedoeld in artikel 54, tweede lid, van het Barp, worden vergoed tot een maximaal uurtarief van € 225,07 met een maximaal aantal uren van 40.
4. Indien als kosten van juridische bijstand als bedoeld in artikel 54, tweede lid, van het Barp, reistijd in rekening wordt gebracht, worden deze kosten vergoed met de helft van het uurtarief.
5. De tegemoetkoming, genoemd in het tweede lid, en het uurtarief, genoemd in het derde lid, worden jaarlijks per 1 juli gewijzigd met het procentuele verschil tussen de prijsindex voor rechtskundige diensten van het Centraal Bureau voor de Statistiek in het betreffende kalenderjaar en de overeenkomstige prijsindex in het hieraan voorgaande kalenderjaar.
a. een persoon die als belangenbehartiger in dienst is van of optreedt namens de politievakorganisaties, bedoeld in artikel 2, tweede lid, van het Besluit overleg en medezeggenschap politie 1994;
b. een persoon die als belangenbehartiger optreedt namens verzekeraars en vakorganisaties die rechtsbijstand verlenen in letselschadezaken;
c. een persoon die als belangenbehartiger werkzaam is bij een organisatie die is ingeschreven bij het nationaal keurmerk letselschade; of
d. een persoon die als belangenbehartiger optreedt en die: 1. op tenminste hbo-niveau juridisch geschoold is, een specialistische letselschade-opleiding met goed gevolg heeft afgerond en zijn kennis actueel houdt; en
2. die voor zijn handelen verzekerd is tegen beroepsaansprakelijkheid en een klachtenregeling heeft; of
3. die werkzaam is bij een organisatie die verzekerd is tegen beroepsaansprakelijkheid en een klachtenregeling heeft.
1. op tenminste hbo-niveau juridisch geschoold is, een specialistische letselschade-opleiding met goed gevolg heeft afgerond en zijn kennis actueel houdt; en
2. die voor zijn handelen verzekerd is tegen beroepsaansprakelijkheid en een klachtenregeling heeft; of
3. die werkzaam is bij een organisatie die verzekerd is tegen beroepsaansprakelijkheid en een klachtenregeling heeft.
2. De hoogte van de tegemoetkoming voor juridische bijstand, bedoeld in artikel 54, eerste lid, van het Barp, is € 526,50.
3. De kosten van juridische bijstand als bedoeld in artikel 54, tweede lid, van het Barp, worden vergoed tot een maximaal uurtarief van € 225,07 met een maximaal aantal uren van 40.
4. Indien als kosten van juridische bijstand als bedoeld in artikel 54, tweede lid, van het Barp, reistijd in rekening wordt gebracht, worden deze kosten vergoed met de helft van het uurtarief.
5. De tegemoetkoming, genoemd in het tweede lid, en het uurtarief, genoemd in het derde lid, worden jaarlijks per 1 juli gewijzigd met het procentuele verschil tussen de prijsindex voor rechtskundige diensten van het Centraal Bureau voor de Statistiek in het betreffende kalenderjaar en de overeenkomstige prijsindex in het hieraan voorgaande kalenderjaar.