BWBR0050857
Geldig vanaf 2025-03-12
Artikel 2.2
Besluit correctiebeleid belastingaanslagen
1. Als in één jaar een correctiegrens van artikel 2.1overschreden wordt, kan in overleg met de vaktechnische lijn een correctie over een ander jaar ook worden aangebracht als voor dat andere jaar de correctiegrenzen van artikel 2.1 niet worden bereikt.
2. Van de correctiegrenzen van artikel 2.1kan worden afgeweken als de inspecteur vermoedt dat de belastingplichtige daarop inspeelt.
3. Bij het vaststellen van een navorderingsaanslag kan de inspecteur van de correctiegrenzen van artikel 2.1afwijken in geval van repeterende onjuistheden of kwade trouw.
4. Een correctie die voor een belastingplichtige leidt tot een terug te ontvangen bedrag aan belasting of premies of inkomensafhankelijke bijdrage Zvwbrengt de inspecteur altijd aan ongeacht de in artikel 2.1genoemde bedragen.
5. Als een belastingplichtige verzoekt een correctie aan te brengen, brengt de inspecteur deze correctie aan ongeacht de in artikel 2.1genoemde bedragen, nadat hij het verzoek beoordeeld heeft of aan de hand van de wettelijke bepalingen.
6. Als de correctie van de inspecteur in verhouding tot de (vast te stellen) aanslag van geringe omvang is, kan in afstemming met de vaktechnische lijn worden besloten om geen correctie aan te brengen bij het vaststellen van de aanslag of om geen navorderingsaanslag of naheffingsaanslag vast te stellen.
2. Van de correctiegrenzen van artikel 2.1kan worden afgeweken als de inspecteur vermoedt dat de belastingplichtige daarop inspeelt.
3. Bij het vaststellen van een navorderingsaanslag kan de inspecteur van de correctiegrenzen van artikel 2.1afwijken in geval van repeterende onjuistheden of kwade trouw.
4. Een correctie die voor een belastingplichtige leidt tot een terug te ontvangen bedrag aan belasting of premies of inkomensafhankelijke bijdrage Zvwbrengt de inspecteur altijd aan ongeacht de in artikel 2.1genoemde bedragen.
5. Als een belastingplichtige verzoekt een correctie aan te brengen, brengt de inspecteur deze correctie aan ongeacht de in artikel 2.1genoemde bedragen, nadat hij het verzoek beoordeeld heeft of aan de hand van de wettelijke bepalingen.
6. Als de correctie van de inspecteur in verhouding tot de (vast te stellen) aanslag van geringe omvang is, kan in afstemming met de vaktechnische lijn worden besloten om geen correctie aan te brengen bij het vaststellen van de aanslag of om geen navorderingsaanslag of naheffingsaanslag vast te stellen.