Artikel 1
In deze beleidsregel wordt verstaan onder:
a. Minister: Minister van Infrastructuur en Waterstaat;
b. periodieke activiteiten: activiteiten die meerdere jaren achter elkaar uitsluitend in een bepaald deel of bepaalde delen van het jaar plaatsvinden met een maximum van in totaal zeven maanden per jaar;
c. rivierbed: de oppervlakte begrensd op grond van artikel 2.8, eerste lid, van de Omgevingsregeling;
d. beperkingengebied in het rivierbed: de oppervlakte begrensd op grond van artikel 2.8, tweede lid, van de Omgevingsregeling;
e. riviergebonden activiteiten: activiteiten als bedoeld in artikel 4;
f. tijdelijke activiteiten: activiteiten die gedurende maximaal vijf jaar ononderbroken plaatsvinden;
g. toestemming: toestemming vanuit rivierkundig oogpunt nodig voor het verkrijgen van een omgevingsvergunning.
a. Minister: Minister van Infrastructuur en Waterstaat;
b. periodieke activiteiten: activiteiten die meerdere jaren achter elkaar uitsluitend in een bepaald deel of bepaalde delen van het jaar plaatsvinden met een maximum van in totaal zeven maanden per jaar;
c. rivierbed: de oppervlakte begrensd op grond van artikel 2.8, eerste lid, van de Omgevingsregeling;
d. beperkingengebied in het rivierbed: de oppervlakte begrensd op grond van artikel 2.8, tweede lid, van de Omgevingsregeling;
e. riviergebonden activiteiten: activiteiten als bedoeld in artikel 4;
f. tijdelijke activiteiten: activiteiten die gedurende maximaal vijf jaar ononderbroken plaatsvinden;
g. toestemming: toestemming vanuit rivierkundig oogpunt nodig voor het verkrijgen van een omgevingsvergunning.