BWBR0050667
Geldig vanaf 2025-10-13
Artikel 13b
Regeling stimulering verkeersveiligheidsmaatregelen 2025–2030
1. Zolang de bijzondere uitkering niet is vastgesteld kan de Minister de verlening van de bijzondere uitkering intrekken of ten nadele van de ontvanger wijzigen, indien:
a. de activiteiten waarvoor bijzondere uitkering is verleend niet of niet geheel hebben plaatsgevonden of zullen plaatsvinden;
b. de ontvanger niet heeft voldaan aan de aan de bijzondere uitkering verbonden verplichtingen;
c. de ontvanger onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beschikking op de aanvraag tot verlening van de bijzondere uitkering zou hebben geleid; of
d. de verlening van de bijzondere uitkering anderszins onjuist was en de ontvanger dit wist of behoorde te weten.
2. De intrekking of wijziging werkt terug tot en met het tijdstip waarop de bijzondere uitkering is verleend, tenzij bij de intrekking of wijziging anders is bepaald.
a. de activiteiten waarvoor bijzondere uitkering is verleend niet of niet geheel hebben plaatsgevonden of zullen plaatsvinden;
b. de ontvanger niet heeft voldaan aan de aan de bijzondere uitkering verbonden verplichtingen;
c. de ontvanger onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beschikking op de aanvraag tot verlening van de bijzondere uitkering zou hebben geleid; of
d. de verlening van de bijzondere uitkering anderszins onjuist was en de ontvanger dit wist of behoorde te weten.
2. De intrekking of wijziging werkt terug tot en met het tijdstip waarop de bijzondere uitkering is verleend, tenzij bij de intrekking of wijziging anders is bepaald.