BWBR0050588
Geldig vanaf 2024-12-31
Artikel 7
Besluit instelling Evaluatiecommissie Toegepaste Onderzoek Organisaties (TO2) 2024–2025
1. Aan de voorzitter van de commissie wordt een vaste vergoeding per maand toegekend, waarbij de salarisschaal wordt vastgesteld op schaal 18 van paragraaf 6.3 van de CAO Rijk en de arbeidsduurfactor op 0,083 (3 uur per week).
2. Aan de leden van de commissie die tevens voorzitter zijn van de subcommissie TNO en WR wordt een vaste vergoeding per maand toegekend, waarbij de salarisschaal wordt vastgesteld op schaal 17 van paragraaf 6.3 van de CAO Rijk en de arbeidsduurfactor op 0,083 (3 uur per week).
3. Aan de andere leden van de subcommissies TNO en WR wordt een vaste vergoeding per maand toegekend, waarbij de salarisschaal wordt vastgesteld op schaal 16 van paragraaf 6.3 van de CAO Rijk en de arbeidsduurfactor op 0,044 (1,6 uur per week).
4. Aan de leden van de commissie die tevens voorzitter zijn van de subcommissie Deltares, Marin en NLR wordt een vaste vergoeding per maand toegekend, waarbij de salarisschaal wordt vastgesteld op schaal 17 van paragraaf 6.3 van de CAO Rijk en de arbeidsduurfactor op 0,069 (2,5 uur per week).
5. Aan de andere leden van de subcommissies Deltares, NLR en Marin wordt een vaste vergoeding per maand toegekend, waarbij de salarisschaal wordt vastgesteld op schaal 16 van paragraaf 6.3 van de CAO Rijk en de arbeidsduurfactor op 0,031 (1,13 uur per week).
6. Aan het lid van de commissie welke geen voorzitter is van een subcommissie wordt een vaste vergoeding per maand toegekend, waarbij de salarisschaal wordt vastgesteld op schaal 16 van paragraaf 6.3 van de CAO Rijk en de arbeidsduurfactor op 0,042 (1,5 uur per week).
7. Indien een voorzitter of lid van de (sub)commissie werkzaam is bij een bekostigde instelling voor hoger onderwijs of een kennisinstituut, dan wordt geen vergoeding toegekend aan de betreffende voorzitter of lid maar wordt aan zijn werkgever de kosten voor voornoemde werkzaamheden schadeloos gesteld. Maandelijks wordt een vast bedrag zijnde het betreffende aantal uur per week vermenigvuldigd met 4,333 en vermenigvuldigd met € 160 per uur overgemaakt aan de werkgever.
2. Aan de leden van de commissie die tevens voorzitter zijn van de subcommissie TNO en WR wordt een vaste vergoeding per maand toegekend, waarbij de salarisschaal wordt vastgesteld op schaal 17 van paragraaf 6.3 van de CAO Rijk en de arbeidsduurfactor op 0,083 (3 uur per week).
3. Aan de andere leden van de subcommissies TNO en WR wordt een vaste vergoeding per maand toegekend, waarbij de salarisschaal wordt vastgesteld op schaal 16 van paragraaf 6.3 van de CAO Rijk en de arbeidsduurfactor op 0,044 (1,6 uur per week).
4. Aan de leden van de commissie die tevens voorzitter zijn van de subcommissie Deltares, Marin en NLR wordt een vaste vergoeding per maand toegekend, waarbij de salarisschaal wordt vastgesteld op schaal 17 van paragraaf 6.3 van de CAO Rijk en de arbeidsduurfactor op 0,069 (2,5 uur per week).
5. Aan de andere leden van de subcommissies Deltares, NLR en Marin wordt een vaste vergoeding per maand toegekend, waarbij de salarisschaal wordt vastgesteld op schaal 16 van paragraaf 6.3 van de CAO Rijk en de arbeidsduurfactor op 0,031 (1,13 uur per week).
6. Aan het lid van de commissie welke geen voorzitter is van een subcommissie wordt een vaste vergoeding per maand toegekend, waarbij de salarisschaal wordt vastgesteld op schaal 16 van paragraaf 6.3 van de CAO Rijk en de arbeidsduurfactor op 0,042 (1,5 uur per week).
7. Indien een voorzitter of lid van de (sub)commissie werkzaam is bij een bekostigde instelling voor hoger onderwijs of een kennisinstituut, dan wordt geen vergoeding toegekend aan de betreffende voorzitter of lid maar wordt aan zijn werkgever de kosten voor voornoemde werkzaamheden schadeloos gesteld. Maandelijks wordt een vast bedrag zijnde het betreffende aantal uur per week vermenigvuldigd met 4,333 en vermenigvuldigd met € 160 per uur overgemaakt aan de werkgever.