BWBR0050565
Geldig vanaf 19-12-2024
Artikel 3.1
Regeling Internationale Concoursen
1. Voor subsidiering komen uitsluitend de volgende kosten in aanmerking:
a. personeelskosten;
b. voorbereiding en uitvoeringskosten;
c. kosten voor marketing en publiciteit;
d. bureau en huisvestingskosten.
2. Niet voor subsidiëring in aanmerking komen:
a. kosten voor activiteiten die op het moment van indiening van de aanvraag reeds zijn gerealiseerd;
b. structurele investeringen, zoals kosten die betrekking hebben op exploitatie, investeringen in accommodaties en de aanschaf van instrumenten;
c. kosten die redelijkerwijs niet voor subsidie in aanmerking komen.
3. Alle kosten moeten redelijk zijn gelet op de aard en omvang van het concours. Het bestuur kan een aanvrager opdragen kosten te onderbouwen met offertes.
a. personeelskosten;
b. voorbereiding en uitvoeringskosten;
c. kosten voor marketing en publiciteit;
d. bureau en huisvestingskosten.
2. Niet voor subsidiëring in aanmerking komen:
a. kosten voor activiteiten die op het moment van indiening van de aanvraag reeds zijn gerealiseerd;
b. structurele investeringen, zoals kosten die betrekking hebben op exploitatie, investeringen in accommodaties en de aanschaf van instrumenten;
c. kosten die redelijkerwijs niet voor subsidie in aanmerking komen.
3. Alle kosten moeten redelijk zijn gelet op de aard en omvang van het concours. Het bestuur kan een aanvrager opdragen kosten te onderbouwen met offertes.
- Citeren als
- Art. 3.1
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0050565
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl