BWBR0050446
Geldig vanaf 22-11-2024
Artikel 1
Regeling aanvullende bekostiging bij overgangsrecht vereenvoudiging bekostiging po 2025
In deze regeling wordt verstaan onder:
aanvullende bekostiging: aanvullende bekostiging, bedoeld in artikel 119, eerste lid, van de WPO en artikel 117, eerste lid, van de WEC;
bekostiging waarop de overgangsbekostiging is gebaseerd: bekostiging, berekend op grond van artikel 116, met uitzondering van het vierde lid, onderdelen b en d, en artikel 121 van de WPO, dan wel artikel 114 en 119 van de WEC;
bevoegd gezag: bevoegd gezag als bedoeld in artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs en artikel 1 van de Wet op de expertisecentra;
minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
overgangsbekostiging: het bedrag, waarmee de bekostiging waarop de overgangsbekostiging is gebaseerd, op grond van artikel 214 van de WPO en artikel 188 van de WEC wordt vermeerderd of verminderd;
WEC: Wet op de expertisecentra;
WPO:Wet op het primair onderwijs.
aanvullende bekostiging: aanvullende bekostiging, bedoeld in artikel 119, eerste lid, van de WPO en artikel 117, eerste lid, van de WEC;
bekostiging waarop de overgangsbekostiging is gebaseerd: bekostiging, berekend op grond van artikel 116, met uitzondering van het vierde lid, onderdelen b en d, en artikel 121 van de WPO, dan wel artikel 114 en 119 van de WEC;
bevoegd gezag: bevoegd gezag als bedoeld in artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs en artikel 1 van de Wet op de expertisecentra;
minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
overgangsbekostiging: het bedrag, waarmee de bekostiging waarop de overgangsbekostiging is gebaseerd, op grond van artikel 214 van de WPO en artikel 188 van de WEC wordt vermeerderd of verminderd;
WEC: Wet op de expertisecentra;
WPO:Wet op het primair onderwijs.
- Citeren als
- Art. 1
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0050446
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl