Prestaties zintuiglijk gehandicaptenzorg Geen andere versie om mee te vergelijken [Regeling vervallen per 01-01-2026] De prestaties zijn onderverdeeld in: – Zorg in verband met een visuele beperking (lid 1); – Zorg in verband met een auditieve beperking en zorg in verband met een communicatieve beperking als gevolg van een taalontwikkelingsstoornis; (lid 2); – Reistoeslag zorgverlener (lid 3); – Onderlinge dienstverlening (lid 4). 1. Prestaties zorg in verband met een visuele beperking De zorg aan mensen met een visuele beperking betreft multidisciplinaire zorg en bestaat uit functionele- en handelingsdiagnostiek interventies gericht op het psychisch leren omgaan met de handicap en interventies die de beperking opheffen of compenseren en daarmee de zelfredzaamheid vergroten. Binnen de prestatiestructuur wordt behandeling geleverd aan mensen die slechtziend, blind of doofblind zijn. Functionele- en handelingsdiagnostiek bestaat uit onderzoeken die nodig zijn om de hulpvraag op activiteiten- en participatieniveau te beantwoorden. Hiertoe worden klachten en symptomen vastgesteld alsmede de gevolgen van de beperking op activiteiten- en participatieniveau en de ondersteunende en belemmerende persoonlijke en externe factoren die hierop van invloed zijn. Op basis hiervan wordt samen met de cliënt een individueel behandelplan vastgesteld en/of bijgesteld. De behandeling is gericht op het leren compenseren van de visuele beperking, het aanleren van nieuwe vaardigheden en/of gedrag. De nieuw aan te leren vaardigheden of het gedrag richten zich op het leren omgaan met stoornissen en beperkingen. Onder deze interventies vallen ook systeemgerichte behandelingen. De multidisciplinaire behandeling vraagt om een programmatische aanpak en specifieke deskundigheid van de beroepsgroep/disciplines. In de met de individuele cliënten af te spreken behandelplannen zijn concrete en haalbare behandeldoelen opgenomen waardoor blijvende verbeteringen in het functioneren worden bereikt/verwacht en de te geven behandeling dient een door de beroepsgroep geaccepteerde methode te zijn. Prestatiestructuur zorg in verband met een visuele beperking Code Prestaties Declarabele eenheid V11 K/J Behandeling Direct uur V12 Diagnostiek V13 Verdiepende diagnostiek V14 Uitgebreide behandeling V21 Volwassenen Behandeling V22 Diagnostiek V23 Verdiepende diagnostiek V24 Uitgebreide behandeling V31 Verblijf Observatie met verblijf Week V32 Intensieve behandeling met verblijf Week V33 Verblijf voor kinderen, jeugdigen en jongvolwassenen t/m 25 jaar in verband met intensieve revalidatie Dag V41 IVB Intermitterende visuele behandeling Direct uur V51 VEC Visuele expert consultatie Traject V52 Uitgebreide visuele expert consultatie Traject V60 Reistoeslag (voor prestaties V11 t/m V41) Contact Kinderen en jeugdigen (V11 tot en met V14, V33 en V60) De zorg aan kinderen en jeugdigen tot 18 jaar en hun systeem met een hulpvraag. In het diagnosetraject staat het in kaart brengen van de visuele functies centraal. In de behandeling wordt gewerkt aan de optimale ontwikkeling van het kind rekening houdend met eventueel bijkomende problematiek en invloed van persoonlijke en externe factoren. Het ICF ontwikkelperspectief (met daarin de meest voorkomende hulpvragen die kinderen op een bepaalde ontwikkelingsleeftijd hebben) is leidraad voor het beoordelen van de ontwikkelingstaken en de in te zetten interventies. De prestatie V33 kan geleverd worden aan kinderen, jeugdigen en jongvolwassenen tot 25 jaar. De aandoening is chronisch van aard, hetgeen betekent dat gedurende de opgroeiende leeftijd afhankelijk van hoe het kind zich ontwikkelt behandeling nodig is. Daarom kunnen zich gedurende de levensloop van kinderen en jeugdigen situaties voordoen waardoor de client een nieuwe hulpvraag krijgt. Voor kinderen in de eerste (pre schoolse) fase ligt de focus op het gezin (en directe omgeving). Vanaf de schoolgaande leeftijd verschuift de focus meer naar behandeling van het kind zelf. Volwassenen (V21 tot en met V24 en V41 tot en met V60 vanaf 18 jaar, V31 en V32 vanaf 16 jaar) De zorg aan volwassenen (18 jaar en ouder) en hun systeem met een hulpvraag. In de behandeling wordt gewerkt aan de behandeldoelen van de cliënt rekening houdend met eventueel bijkomende problematiek en invloed van persoonlijke en externe factoren. De multidisciplinaire behandeling richt zich op het aanleren van vaardigheden op een of meerdere ICF domeinen en het psychisch leren omgaan met de beperking waardoor de zelfredzaamheid van de cliënt vergroot wordt. Voor de prestaties V31 en V32 mag de zorg geleverd worden vanaf 16 jaar en ouder. De aandoening is chronisch van aard. Dit betekent dat er zich gedurende het leven van de cliënt zich situaties kunnen voordoen waardoor de cliënt een nieuwe hulpvraag krijgt. V11 / V21 Behandeling Behandeling van cliënten waarvan het visueel functioneren bekend is en waarbij belemmerende en persoonlijke factoren géén rol spelen in de behandeling. Er wordt géén psychologische en/of psychosociale behandeling geleverd. De vragen doen zich over het algemeen voor ten gevolge van (kleine) wijzigingen in de omgeving van de cliënt danwel een verandering in de fase van ontwikkeling waarin de cliënt zich bevindt. Omdat het visueel functioneren bekend is, is er alleen diagnostiek nodig die gericht is op de hulpvraag binnen het betreffende ICF-domein. Voorwaarden – Behandeling start met een intake, tenzij er een prestatie Diagnostiek V12/V22 aan vooraf is gegaan; – De visuele functies en de eventuele bijkomende problematiek en belemmerende factoren zijn bekend en hebben geen belemmerende invloed op het verloop van de behandeling; – Er is sprake van directe tijd besteed aan behandeling en/of diagnostiek; – De behandeling heeft géén betrekking op het psychisch leren omgaan met de visuele beperking; – Gedurende het lopende zorgtraject kan het visueel functioneren wijzigen waarvoor diagnostiek nodig is; – De prestatie kan gelijktijdig met de prestatie Diagnostiek (V12/V22) en met de prestatie Verblijf voor kinderen en jeugdigen die verblijven in verband met intensieve revalidatie (V33) worden geleverd; – Deze prestatie wordt uitgevoerd door de regiebehandelaar en/of vindt plaats onder verantwoordelijkheid van de regiebehandelaar. V12 / V22 Diagnostiek Diagnostiek die nodig is om duidelijkheid te verkrijgen over het visueel functioneren van de cliënt. Voorwaarden – Diagnostiek start met een intake; – Deze prestatie kan gelijktijdig met de prestatie Behandeling (V11/V21) en met de prestatie Verblijf voor kinderen, jeugdigen en jongvolwassenen t/m 25 jaar in verband met intensieve revalidatie (V33) worden geleverd; – Gedurende het zorgtraject kan het visueel functioneren wijzigen waarvoor diagnostiek nodig is. – Deze prestatie wordt uitgevoerd door de regiebehandelaar en/of vindt plaats onder verantwoordelijkheid van de regiebehandelaar. V13 / V23 Verdiepende diagnostiek Verdiepende diagnostiek bij cliënten met belemmerende en persoonlijke factoren die nodig is om zowel de visuele, (neuro)psychische en sociale functies alsmede het functioneren hierop en/of de mogelijkheden tot activiteiten en participatie van de cliënt in kaart te brengen en te vertalen naar een behandelplan. Voorwaarden – Verdiepende diagnostiek start met een intake; – Er is sprake van bijkomende problematiek op functieniveau en/of belemmerende externe en/of persoonlijke factoren; – Gedurende het zorgtraject kunnen (nieuwe) hulpvragen ontstaan waarvoor verdiepende diagnostiek benodigd is. Deze prestatie kan tegelijkertijd met uitgebreide behandeling worden geleverd en met de prestatie Verblijf voor kinderen, jeugdigen en jongvolwassenen t/m 25 jaar in verband met intensieve revalidatie (V33) worden geleverd; – Deze prestatie wordt uitgevoerd door de regiebehandelaar en/of vindt plaats onder verantwoordelijkheid van de regiebehandelaar. V14 / V24 Uitgebreide behandeling Uitgebreide behandeling waar belemmerende factoren meespelen richt zich op dezelfde soort behandeldoelstellingen als behandeling waar deze niet meespelen. Aanvullend kan de uitgebreide behandeling zich ook richten op de mentale functies. De aanpak ten bate van het bereiken van de doelstellingen verschilt omdat er rekening gehouden moet worden met belemmerende factoren en bijkomende problematiek. Voorwaarden – De visuele, (neuro)psychische en sociale functies alsmede het functioneren hierop en de eventuele bijkomende problematiek en belemmerende factoren zijn bekend en hebben een belemmerende invloed op het verloop van de behandeling; – Deze prestatie kan alleen geleverd worden indien deze prestatie binnen het zorgtraject van de cliënt volgt op de prestatie diagnostiek, verdiepende diagnostiek, uitgebreide visuele expert consultatie of de prestatie observatie met verblijf; – De prestatie kan gelijktijdig met de prestatie Verdiepende diagnostiek (V13/V23) en de prestatie Verblijf voor kinderen, jeugdigen en jongvolwassenen t/m 25 jaar in verband met intensieve revalidatie (V33) worden geleverd; – Er is sprake van directe tijd besteed aan behandeling; – De behandeling kan aandacht hebben voor het psychisch leren omgaan met de visuele beperking; – Deze prestatie wordt uitgevoerd door de regiebehandelaar en/of vindt plaats onder verantwoordelijkheid van de regiebehandelaar. Behandeling met verblijf Algemeen De cliënt ervaart beperkingen op meerdere ICF levensgebieden, visueel functioneren, belasting en belastbaarheid en gedrag. Cliënt komt op basis van ‘Indicatieprotocol criteria intensieve behandeling (met tijdelijk verblijf)’ in aanmerking voor verblijf. De zorg is gericht op: – Jong-volwassenen (tussen de 16- en 25 jaar), die vaak fors geïnvesteerd hebben in school én weinig in sociale contacten én/of eigen zelfstandigheid en zich niet voldoende toegerust voelen/weten om de stap naar zelfstandigheid te zetten; – Volwassen (tussen 25-55 jaar) die als gevolg van hun (op later leeftijd gekregen) visuele beperking vastlopen in hun leven, uitvallen op het werk en of in sociaal opzicht; – Ouderen (55 +) veelal cliënten met een verworven visuele beperking, bij wie het niet meer lukt het leven op te pakken. Aanpassing aan de nieuwe visuele beperking, opbouwen dagstructuur en algehele zingeving staan centraal. Het verblijf omvat minimaal drie dagen tot en met maximaal 5 dagen verblijf tijdens een kalenderweek (maandag t/m zondag). De dag van aanvang van het verblijf geldt als een dag verblijf en de dag van beëindiging van verblijf geldt als een dag verblijf, waarbij geldt voor de dag van opname dat deze enkel als dag verblijf geteld kan worden indien de opname heeft plaats gevonden vóór 20:00 uur. V31 Observatie met verblijf De visuele functies, externe en persoonlijke factoren, de mogelijkheden tot activiteiten en participatie worden tijdens het verblijf in kaart gebracht en met de cliënt vertaald in een behandelplan op basis waarvan gestart kan worden met: – Intensieve behandeling met verblijf of; – Behandeling. Voorwaarden – Observatie betreft maximaal één declarabele observatieweek per cliënt; – De cliënt voldoet aan de indicatiecriteria beschreven in het ‘Indicatieprotocol criteria intensieve behandeling (met tijdelijk verblijf)’; – Deze prestatie wordt uitgevoerd door de regiebehandelaar en/of vindt plaats onder verantwoordelijkheid van de regiebehandelaar. V32 Intensieve behandeling met verblijf De visuele functies, de eventuele bijkomende problematiek en belemmerende factoren zijn bekend. Deze factoren hebben een belemmerende invloed op het verloop van de behandeling. De mogelijkheden tot activiteiten en participatie zijn in kaart gebracht. Het bereiken van de behandeldoelstellingen vraagt een multidisciplinaire aanpak van 3 tot en met 5 dagen verblijf per week, waarin systematisch en in samenhang gewerkt wordt aan het realiseren van de doelstellingen. Per 6 weken wordt in een multidisciplinair overleg met de cliënt, de voortgang in de behandeling doorgenomen en worden vervolgstappen bepaald. Voorwaarden – De cliënt voldoet aan de indicatiecriteria beschreven in het ‘Indicatieprotocol criteria intensieve behandeling (met tijdelijk verblijf)’; – Voor behandeling met verblijf worden meerdere behandelweken gegeven; – De behandeling in de thuissituatie maakt onderdeel uit van de prestatie. – Verblijf wordt niet gecombineerd of afgewisseld met een andere prestatie in verband met een visuele beperking; – Deze prestatie wordt uitgevoerd door de regiebehandelaar en/of vindt plaats onder verantwoordelijkheid van de regiebehandelaar. V33 Verblijf voor kinderen, jeugdigen en jongvolwassenen t/m 25 jaar in verband met intensieve revalidatie Medisch noodzakelijk verblijf in verband met (intensieve) revalidatie voor kinderen en jeugdigen en jongvolwassenen onder de 25 jaar. De zorg is gericht op kinderen, jongeren en jongvolwassenen met een visuele beperking die kampen met bijkomende problematiek, zoals psychosociale- of gedragsproblemen of een lichtelijke verstandelijke beperking. De zorg is gericht op het aanleren van vaardigheden voor het dagelijks leven, door het aanleren van compenserende vaardigheden en het inzetten van andere zintuigen. De behandeling is hoog intensief en wordt in het behandelprogramma verweven. Het verblijf is daarmee onlosmakelijk verbonden met de behandeling. Het bereiken van de behandeldoelstellingen vraagt een multidisciplinaire aanpak waarin systematisch en in samenhang gewerkt wordt aan het realiseren van de doelstellingen. Na 6 weken wordt in een multidisciplinair overleg met de cliënt, de voortgang in de behandeling doorgenomen en worden vervolgstappen bepaald. Voorwaarden – De cliënt heeft een visuele beperking en is bij aanvang van de prestatie jonger dan 25 jaar; – Voor behandeling met verblijf worden meerdere behandelweken gegeven; – Deze prestatie vindt plaats onder verantwoordelijkheid van de regiebehandelaar. – De prestatie is een aanvulling op V11/V21, V12/V22, V13/V23 en V14/V24. De V33 kan alleen gedeclareerd worden in combinatie met één van deze prestaties. Deze zorg wordt integraal geleverd door dezelfde zorgaanbieder. – De cliënt verblijft ’s nachts in een instelling. – Een overnachting geldt als één dag verblijf. Intermitterende behandeling V41 Intermitterende behandeling De prestatie omvat behandeling ( Zvw ). Intermitterende behandeling wordt altijd gecombineerd met andere zorg, waaronder specialistische begeleiding 3 welke wordt geleverd vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). De begeleiding en behandeling gaan hand in hand. De begeleiding is gericht op het behoud van zelfstandigheid en het voorkomen of beperken van isolement en overlast. De behandeling heeft een intermitterend karakter en zorgt ervoor dat de cliënt zelfstandig kan blijven wonen en functioneren. Waar mogelijk wordt de zelfstandigheid vergroot. Verdere achteruitgang, maatschappelijk ontsporen en overlast worden voorkomen en de cliënt kan uit een (gedwongen) intramurale setting worden gehouden. Het gevoel van veiligheid en de draagkracht van de cliënt (opgebouwd via specialistische begeleiding in de Wmo) is voldoende om in combinatie daarmee te starten met behandeling. De reguliere begeleiding- en behandelaanpak die nodig is voor de behandeling van de bijkomende problematiek kan niet toegepast worden vanwege de visuele beperking. Omdat de reguliere compensatiemogelijkheden voor deze problematiek vanwege de visuele beperkingen niet gebruikt kunnen worden door cliënt, is deze extra kwetsbaar. Voorwaarden – De cliënt heeft een visuele beperking en is 18 jaar of ouder; – Vanwege de complexiteit van de problematiek is het noodzakelijk dat de behandeling ( Zvw ) integraal met andere zorg plaatsvindt, waaronder specialistische begeleiding vanuit de Wmo ; – Het visueel functioneren evenals de mogelijkheden tot activiteiten en participatie zijn in kaart gebracht en/of worden gedurende het traject in kaart gebracht; – Er zijn een of meerdere ernstig belemmerende factoren als het gaat om behandeling; – Er zijn weinig tot geen ondersteunende factoren; – Langdurige coördinatie en supervisie van een multidisciplinair team is noodzakelijk; – Alleen de behandeling binnen de Zvw wordt aan de zorgverzekeraar in rekening gebracht. De directe behandeltijd ten laste van de Zvw betreft alleen behandeling. Begeleiding kan niet onder deze prestatie in rekening worden gebracht; – Deze prestatie wordt uitgevoerd door de regiebehandelaar en/of vindt plaats onder verantwoordelijkheid van de regiebehandelaar. Visuele expert consultatie (VEC) Algemeen Op advies van de behandelend arts van de cliënt vraagt de cliënt om inzicht in de visuele functies en/of het geven van advies over de impact hiervan aan de cliënt en de zorgaanbieder waarvan hij Wlz-zorg ontvangt. Bij de cliënt is reeds de visuele beperking vastgesteld. De cliënt is aangewezen op Wlz-zorg (niet op basis van een zg indicatie). V51 Visuele expert consultatie (VEC) Duidelijkheid verkrijgen over het visueel functioneren als gevolg van de vastgestelde visuele problematiek, de mogelijkheden tot activiteiten en participatie van de cliënt en de invloed van bijkomende problematiek en belemmerende factoren. De visuele functies, de bijkomende problematiek en belemmerende factoren worden in kaart gebracht en vertaald in een advies over: – de wijze waarop het professionele cliëntsysteem hun handelen, kan aanpassen/afstemmen op de visuele beperking; – de visuele hulpmiddelen waarover de cliënt dient te beschikken; – de aanpassing van de fysieke omgeving van de cliënt zodat de cliënt zo min mogelijk belemmerd wordt door de visuele problematiek. Voorwaarden – De reistoeslag 4 kan niet in combinatie met de prestatie VEC in rekening worden gebracht. De prestatie VEC is inclusief reistijd en reiskosten hulpverlener; – Gedurende de prestatie VEC kunnen geen andere prestaties zorg in verband met een visuele beperking geleverd worden; – Deze prestatie wordt uitgevoerd door de regiebehandelaar en/of vindt plaats onder verantwoordelijkheid van de regiebehandelaar. V52 Uitgebreide visuele expert consultatie Door bijkomende problematiek op functieniveau en/of belemmerende externe en/of persoonlijke factoren is verdiepende diagnostiek nodig om het visueel functioneren van en/of de mogelijkheden tot activiteiten en participatie van de cliënt in kaart te brengen en te vertalen naar een behandelplan. Daarnaast zijn er vragen over in welke mate het gedrag van de cliënt voortkomt uit een niet/verkeerd begrepen bekende visuele beperking. De visuele functies, de bijkomende problematiek en belemmerende factoren worden in kaart gebracht inclusief een interpretatie van het gedrag van de cliënt in het licht van de bevindingen, de bevindingen worden vertaald in een advies over: – de wijze waarop het professionele cliëntsysteem hun handelen, kan aanpassen/afstemmen op de visuele beperking; – de visuele hulpmiddelen waarover de cliënt dient te beschikken; – de aanpassing van de fysieke omgeving van de cliënt zodat de cliënt zo min mogelijk belemmerd wordt door de visuele problematiek. Voorwaarden – De reistoeslag kan niet in combinatie met de prestatie uitgebreide VEC in rekening worden gebracht. De prestatie uitgebreide VEC is inclusief reistijd en reiskosten hulpverlener; – Gedurende de prestatie VEC kunnen geen andere prestaties zorg in verband met een visuele beperking geleverd worden; – De prestatie wordt uitgevoerd door de regiebehandelaar en/of vindt plaats onder verantwoordelijkheid van de regiebehandelaar. 2. Prestaties zorg in verband met een auditieve beperking en zorg in verband met een communicatieve beperking als gevolg van een taalontwikkelingsstoornis Zorg in verband met een auditieve beperking is multidisciplinaire zorg die bestaat uit diagnostisch onderzoek, interventies die zich richten op het psychisch leren omgaan met de handicap en interventies die de beperking opheffen of compenseren en daarmee de zelfredzaamheid vergroten. Zorg in verband met een communicatieve beperking als gevolg van een taalontwikkelingsstoornis wordt geleverd aan kinderen en jong volwassenen tot de leeftijd van drieëntwintig jaar. Diagnostisch onderzoek bij de zorg aan cliënten met een auditieve en/of communicatieve beperking bestaat uit behandelingsgerichte diagnostiek. Deze maakt integraal onderdeel uit van de behandeling en staat ten dienste van de behandeling. Het betreft verdiepende en evaluerende diagnostiek gericht op het vaststellen van mogelijke bijkomende problematiek (comorbiditeit), het ontwikkelingsperspectief van de cliënt op de verschillende ontwikkelingsdomeinen en de best passende interventies voor de cliënt. Mede op basis hiervan wordt een individueel behandelplan vastgesteld en/of bijgesteld. Interventies zijn binnen de zorg aan cliënten met een auditieve en/of communicatieve beperking gericht op herstel en/of het aanleren van nieuwe vaardigheden of gedrag, als dit een programmatische aanpak vereist waarvoor specifieke deskundigheid nodig is. De nieuw aan te leren vaardigheden of het gedrag richten zich op het terugdringen van stoornissen en beperkingen. Onder deze interventies vallen ook systeemgerichte behandelingen. Er moet een concreet en haalbaar behandeldoel zijn waardoor blijvende verbeteringen in het functioneren worden bereikt/verwacht en de te geven behandeling dient een door de beroepsgroep geaccepteerde methode te zijn. Prestatiestructuur zorg in verband met een auditieve beperking en zorg in verband met een communicatieve beperking als gevolg van een taalontwikkelingsstoornis Code Prestaties Declarabele eenheid AC10 Intake en zorgtoewijzing (voor prestaties AC21 t/m AC42) Direct uur AC21 0 – 5 jaar D/SH 5- 23 jaar TOS Alle leeftijden DB, ACVB Diagnostiek en behandelcoördinatie Direct uur AC42 Behandeling AC50 Reistoeslag (voor prestaties AC10 t/m AC42) Contact Indien er sprake is van behandeling met verblijf kunnen de prestaties AC41 en/of AC42 in rekening gebracht worden. D/SH (Doof/SlechtHorend), TOS (Taal Ontwikkelingsstoornis), DB (DoofBlind) en ACVB (Auditief en/of communicatief Verstandelijk Beperkt). Intake AC 10 Intake auditief/communicatief voor prestaties AC21 t/m AC42 Beschrijving Het verzamelen van gegevens bij de aanmelding van een nieuwe cliënt, verduidelijken van de hulpvraag, het toewijzen van de cliënt aan een zorgprogramma en het verstrekken van informatie over de behandeling en de geldende regels en afspraken. Voorwaarden – Ieder zorgtraject van een cliënt start met een intake (exclusie: cliënten die vanuit een ander zorgprogramma instromen); – Gedurende de intakefase kunnen geen andere prestaties zorg in verband met een auditieve beperking en zorg in verband met een communicatieve beperking als gevolg van een taalontwikkelingsstoornis geleverd worden (m.u.v. reistoeslag); – De prestatie wordt afgesloten door het starten van het leveren van één van de overige prestaties of het vastleggen van stoppen van de activiteiten. Jong kind (van 0 – tot 5 jaar) Doof en slechthorend (D/SH) De behandeling van doof/slechthorende kinderen in de voorschoolse leeftijd en het systeem. De aandoening is chronisch waardoor veelal continue behandeling juist in deze levensfase nodig is. Wanneer afronding wel aan de orde is, kan op een later moment een nieuwe behandelvraag ontstaan. Er is bij deze cliënten sprake van zorgprogramma 1 – Behandeling thuis nabij aan (jonge) kind en zijn directe omgeving. Er is sprake van een multidisciplinair geïntegreerd diagnose- en behandeltraject. Het behandeltraject bestaat uit diagnostiek en behandel coördinatie en behandeling. De behandeling van de cliënt vindt plaats in en met zijn directe omgeving. In de behandeling wordt gewerkt aan het communiceren en het realiseren van voorwaarden en een passende omgeving om tot communicatie te komen en om de beperkingen die worden ervaren op te heffen of te compenseren. Ook wordt gewerkt aan het psychisch leren omgaan met de beperkingen door ouders en kind. In de eerste periode ligt de focus op het gezin (en directe omgeving). Daarna verschuift de focus meer naar behandeling van de cliënt zelf. Een periode van behandeling in een groepssetting zal vaak nodig zijn. Wanneer deze periode aan de orde is hangt af van de ontwikkelingsleeftijd en -fase van de cliënt en de hulpvragen en overwegingen/visie van ouders op het gebied van doof- en slechthorendheid. Het zorgtraject bestaat uit één of meer van de volgende onderdelen 5 : – Diagnostiek en behandelcoördinatie; – Behandeling cliënt in en met zijn directe omgeving; – Communicatietraining; – Individuele logopedische behandeling; – Psycho-educatie kind en directe omgeving; – Sociaal emotionele therapie kind en jongere; – (Senso)motorische en visuele stimulatie; – Behandeling in een communicatieve groepssetting (alleen bij prestatie AC22). Iedere zes maanden vindt multidisciplinair overleg (mdo)/ evaluatie van het behandelplan plaats om te beoordelen of de behandeling moeten worden bijgesteld (continueren, opschalen, afschalen of afronden). AC21 Doof/slechthorend jonge kind; kind en systeem excl. groepszorg Beschrijving De zorg aan doof/slechthorende kinderen en het systeem waarbij er geen sprake is geweest van groepszorg in de periode van 28 kalenderdagen. Voorwaarden – Cliënt is bij aanvang van de prestatie