BWBR0050272
Geldig vanaf 2024-10-10
Artikel 6
Tijdelijke regeling verstrekkingen gerepatrieerden Libanon 2024
1. De hoogte van de in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, bedoelde eenmalige tegemoetkoming voor de aanloopkosten bedraagt: € 70,–.
2. De hoogte van de in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, bedoelde wekelijkse toelage bedraagt:
a. bij een één- of tweepersoonshuishouden: voor de meerderjarige gerepatrieerde en de alleenstaande minderjarige gerepatrieerde: € 70,– en voor de minderjarige gerepatrieerde: € 60,–;
b. bij een driepersoonshuishouden: voor de meerderjarige gerepatrieerde: € 60,– en voor de minderjarige gerepatrieerde: € 50,–;
c. bij vier- of meerpersoonhuishouden: voor de meerderjarige gerepatrieerde: € 50,– en voor de minderjarige gerepatrieerde: € 50,–.
3. De verstrekkingen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, worden op een door de minister te bepalen tijdstip en wijze aan de gerepatrieerde beschikbaar gesteld.
4. De verstrekkingen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, en tweede lid, onderdeel a, voor een minderjarige gerepatrieerde, die een kind is van, of verzorgd wordt door één of meer in Nederland verblijvende meerderjarige gerepatrieerden worden uitbetaald aan één van die gerepatrieerden.
2. De hoogte van de in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, bedoelde wekelijkse toelage bedraagt:
a. bij een één- of tweepersoonshuishouden: voor de meerderjarige gerepatrieerde en de alleenstaande minderjarige gerepatrieerde: € 70,– en voor de minderjarige gerepatrieerde: € 60,–;
b. bij een driepersoonshuishouden: voor de meerderjarige gerepatrieerde: € 60,– en voor de minderjarige gerepatrieerde: € 50,–;
c. bij vier- of meerpersoonhuishouden: voor de meerderjarige gerepatrieerde: € 50,– en voor de minderjarige gerepatrieerde: € 50,–.
3. De verstrekkingen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, worden op een door de minister te bepalen tijdstip en wijze aan de gerepatrieerde beschikbaar gesteld.
4. De verstrekkingen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, en tweede lid, onderdeel a, voor een minderjarige gerepatrieerde, die een kind is van, of verzorgd wordt door één of meer in Nederland verblijvende meerderjarige gerepatrieerden worden uitbetaald aan één van die gerepatrieerden.