BWBR0050104
Artikel 10
Beleidsregel beschikbaarheidbijdrage op aanvraag
1
Beschrijving van de zorg
Traumazorg voor wat betreft Opleiden, Trainen en Oefenen ten behoeve van rampen en
crises (OTO), als bedoeld in onderdeel B, aanhef en onder 5, sub b van de Bijlage.
2
Criteria verstrekking
Aanbieders kunnen in aanmerking komen voor de verstrekking van een beschikbaarheidbijdrage
OTO indien zij de in artikel 10, eerste lid van deze beleidsregel genoemde vorm van
zorg leveren en indien zij in het bezit zijn van een erkenning als traumacentrum.
3
Hoogte beschikbaarheidbijdrage
De beschikbaarheidbijdrage voor OTO is opgebouwd uit een vaste component en een flexibele
component. De vergoedingen in dit artikel zullen lumpsum verstrekt worden, maar moeten
wel aan OTO worden besteed.
a.
Vaste componenten
1 Basisteam: Voor de beschikbaarheidbijdrage OTO gaan we in ieder geval uit van een
vaste vergoeding van € 223.756 (prijspeil ultimo 2023) voor het basisteam, deze vergoeding
is gebaseerd op de in het kostenonderzoek waargenomen gemiddelde opbouw van personeelsfuncties,
zie tabel 2 in de toelichting. In de praktijk kan de precieze opbouw afwijken; de
vergoeding kan dus ook worden gebruikt voor een andere functiemix in het basisteam.
2 Materiële kosten en overhead: de aanbieder ontvangt een vast bedrag van € 96.113 (prijspeil
ultimo 2023) ter dekking van de materiële kosten en overhead.
3 Convenantspartners: Daarnaast gaan we uit van een vaste vergoeding van € 648.198 (prijspeil
ultimo 2023) voor de convenantspartners, opgebouwd uit gemiddeld genomen 6 huisartsenposten
(HAP’s), 6 ziekenhuizen (locaties met SEH), 2 regionale ambulance voorzieningen (RAV’s)
en 2 gemeentelijke gezondheidsdiensten (GGD’s).
b.
Flexibele component
4 Indien de aanbieder meer convenantpartners in het netwerk bedient dan de aantallen
genoemd in artikel 3, sub a onder 3, ontvangt de aanbieder een extra normatief bedrag per soort convenantpartner die
zij meer bedient.
Soort convenantpartner
Normatieve vergoeding per partner
(prijspeil ultimo 2023)
HAP
€ 9.276
Ziekenhuis (locaties met SEH)
€ 47.329
RAV
€ 98.126
GGD
€ 56.158
4
Procedure verlening en vaststelling
a. De NZa verleent de beschikbaarheidbijdrage OTO op basis van het aantal en soort convenantpartners
in het netwerk in het jaar t-2.
b. De NZa stelt de beschikbaarheidbijdrage OTO vast op basis van het definitieve aantal
en soort convenantpartners (peildatum 31 december) in het netwerk over het subsidiejaar
t.
c. In de verlening van jaar t zijn de gegevens van jaar t-2 (onder lid 4 sub a) vooraf
ingevuld in de aanvraag.
Bij de vaststelling van jaar t vullen de traumacentra de werkelijke aantallen in.
De NZa controleert de ingevulde gegevens bij de vaststelling van jaar t aan de hand
van de gegevens (onder lid 4 sub b) die zij jaarlijks ontvangt van het LNAZ op 1 juli
jaar t+1.
5
Indexatie
1 Het basisteam in de vaste component wordt jaarlijks geïndexeerd met index voor personele
kosten.
2 Voor indexering van de overige componenten wordt een verhouding aangehouden van 90%
van de index voor de personele kosten en 10% van de index voor de materiële kosten.
Beschrijving van de zorg
Traumazorg voor wat betreft Opleiden, Trainen en Oefenen ten behoeve van rampen en
crises (OTO), als bedoeld in onderdeel B, aanhef en onder 5, sub b van de Bijlage.
2
Criteria verstrekking
Aanbieders kunnen in aanmerking komen voor de verstrekking van een beschikbaarheidbijdrage
OTO indien zij de in artikel 10, eerste lid van deze beleidsregel genoemde vorm van
zorg leveren en indien zij in het bezit zijn van een erkenning als traumacentrum.
3
Hoogte beschikbaarheidbijdrage
De beschikbaarheidbijdrage voor OTO is opgebouwd uit een vaste component en een flexibele
component. De vergoedingen in dit artikel zullen lumpsum verstrekt worden, maar moeten
wel aan OTO worden besteed.
a.
Vaste componenten
1 Basisteam: Voor de beschikbaarheidbijdrage OTO gaan we in ieder geval uit van een
vaste vergoeding van € 223.756 (prijspeil ultimo 2023) voor het basisteam, deze vergoeding
is gebaseerd op de in het kostenonderzoek waargenomen gemiddelde opbouw van personeelsfuncties,
zie tabel 2 in de toelichting. In de praktijk kan de precieze opbouw afwijken; de
vergoeding kan dus ook worden gebruikt voor een andere functiemix in het basisteam.
2 Materiële kosten en overhead: de aanbieder ontvangt een vast bedrag van € 96.113 (prijspeil
ultimo 2023) ter dekking van de materiële kosten en overhead.
3 Convenantspartners: Daarnaast gaan we uit van een vaste vergoeding van € 648.198 (prijspeil
ultimo 2023) voor de convenantspartners, opgebouwd uit gemiddeld genomen 6 huisartsenposten
(HAP’s), 6 ziekenhuizen (locaties met SEH), 2 regionale ambulance voorzieningen (RAV’s)
en 2 gemeentelijke gezondheidsdiensten (GGD’s).
b.
Flexibele component
4 Indien de aanbieder meer convenantpartners in het netwerk bedient dan de aantallen
genoemd in artikel 3, sub a onder 3, ontvangt de aanbieder een extra normatief bedrag per soort convenantpartner die
zij meer bedient.
Soort convenantpartner
Normatieve vergoeding per partner
(prijspeil ultimo 2023)
HAP
€ 9.276
Ziekenhuis (locaties met SEH)
€ 47.329
RAV
€ 98.126
GGD
€ 56.158
4
Procedure verlening en vaststelling
a. De NZa verleent de beschikbaarheidbijdrage OTO op basis van het aantal en soort convenantpartners
in het netwerk in het jaar t-2.
b. De NZa stelt de beschikbaarheidbijdrage OTO vast op basis van het definitieve aantal
en soort convenantpartners (peildatum 31 december) in het netwerk over het subsidiejaar
t.
c. In de verlening van jaar t zijn de gegevens van jaar t-2 (onder lid 4 sub a) vooraf
ingevuld in de aanvraag.
Bij de vaststelling van jaar t vullen de traumacentra de werkelijke aantallen in.
De NZa controleert de ingevulde gegevens bij de vaststelling van jaar t aan de hand
van de gegevens (onder lid 4 sub b) die zij jaarlijks ontvangt van het LNAZ op 1 juli
jaar t+1.
5
Indexatie
1 Het basisteam in de vaste component wordt jaarlijks geïndexeerd met index voor personele
kosten.
2 Voor indexering van de overige componenten wordt een verhouding aangehouden van 90%
van de index voor de personele kosten en 10% van de index voor de materiële kosten.