BWBR0049973
Geldig vanaf 2024-07-12
Artikel 6
Subsidieregeling uitvoering convenanten lerarentekort PO G5 inclusief aanpak zij-instroom PO G5
1. Een aanvraag kan worden ingediend vanaf 09:00 uur op de dag na publicatie van de regeling tot en met 30 augustus 2024 16:00 uur met gebruikmaking van het format dat daartoe door DUS-I beschikbaar wordt gesteld.
2. Aanvragen die buiten het in het eerste lid bedoelde aanvraagtijdvak worden ingediend, worden afgewezen.
3. De aanvraag gaat vergezeld van een begroting die aansluit op de activiteiten die zijn opgenomen in het convenant, ten aanzien waarvan artikel 3.5 van de Kaderregelingvan overeenkomstige toepassing is, en een samenwerkingsovereenkomst, gesloten met alle partijen die deelnemen aan de uitvoering van het convenant.
4. De begroting sluit aan bij de activiteiten die zijn opgenomen in het desbetreffende convenant en bevat, onverminderd artikel 3.5 van de Kaderregeling, een toelichting op het niet gesubsidieerde deel van de begroting.
5. De samenwerkingsovereenkomst bevat in ieder geval:
a. een beschrijving van de wijze waarop elk van de partijen, bedoeld in het derde lid, bijdraagt aan de uitvoering van de activiteiten waarvoor subsidie wordt verstrekt;
b. een beschrijving van de wijze waarop de besluitvorming binnen de in de samenwerkingsovereenkomst vastgelegde samenwerking plaatsvindt;
c. een beschrijving van de wijze waarop eventuele resterende middelen, indien artikel 7, negende lid, van toepassing is, na uitvoering van de activiteiten zullen worden verdeeld over de schoolbesturen en lerarenopleidingen die partij zijn bij het convenant;
d. een verklaring van de partijen, dat de penvoerder gemachtigd is om hen in het kader van de subsidieverstrekking in en buiten rechte te vertegenwoordigen; en
e. een verklaring van de partijen, dat zij zullen meewerken aan monitoring en evaluatie van de gesubsidieerde activiteiten; en
f. een verklaring dat zij alle gegevens die noodzakelijk zijn voor de verantwoording door de penvoerder van de besteding van de subsidie op verzoek aan de penvoerder zullen verstrekken.
2. Aanvragen die buiten het in het eerste lid bedoelde aanvraagtijdvak worden ingediend, worden afgewezen.
3. De aanvraag gaat vergezeld van een begroting die aansluit op de activiteiten die zijn opgenomen in het convenant, ten aanzien waarvan artikel 3.5 van de Kaderregelingvan overeenkomstige toepassing is, en een samenwerkingsovereenkomst, gesloten met alle partijen die deelnemen aan de uitvoering van het convenant.
4. De begroting sluit aan bij de activiteiten die zijn opgenomen in het desbetreffende convenant en bevat, onverminderd artikel 3.5 van de Kaderregeling, een toelichting op het niet gesubsidieerde deel van de begroting.
5. De samenwerkingsovereenkomst bevat in ieder geval:
a. een beschrijving van de wijze waarop elk van de partijen, bedoeld in het derde lid, bijdraagt aan de uitvoering van de activiteiten waarvoor subsidie wordt verstrekt;
b. een beschrijving van de wijze waarop de besluitvorming binnen de in de samenwerkingsovereenkomst vastgelegde samenwerking plaatsvindt;
c. een beschrijving van de wijze waarop eventuele resterende middelen, indien artikel 7, negende lid, van toepassing is, na uitvoering van de activiteiten zullen worden verdeeld over de schoolbesturen en lerarenopleidingen die partij zijn bij het convenant;
d. een verklaring van de partijen, dat de penvoerder gemachtigd is om hen in het kader van de subsidieverstrekking in en buiten rechte te vertegenwoordigen; en
e. een verklaring van de partijen, dat zij zullen meewerken aan monitoring en evaluatie van de gesubsidieerde activiteiten; en
f. een verklaring dat zij alle gegevens die noodzakelijk zijn voor de verantwoording door de penvoerder van de besteding van de subsidie op verzoek aan de penvoerder zullen verstrekken.