BWBR0049848
Geldig vanaf 2024-06-22
Artikel 5
Beleidsregel experiment inclusieve leeromgeving 2024
1. De penvoerder dient een aanvraag voor deelname aan het experiment met ingang van 1 augustus van het volgende schooljaar in bij de minister op uiterlijk 1 mei van het daaraan voorafgaande schooljaar.
2. In afwijking van het eerste lid dient de penvoerder een aanvraag voor deelname aan het experiment met ingang van 1 januari 2025 in bij de minister op uiterlijk 1 oktober 2024.
3. De aanvraag, bedoeld in het eerste lid, omvat:
a. de contactgegevens van de samenwerkende bevoegde gezagsorganen;
b. een schriftelijke verklaring van instemming met deelname aan het experiment van de medezeggenschapsraden van de deelnemende scholen of instellingen, de betrokken gemeente of gemeenten waar de scholen en instellingen van de samenwerkende bevoegde gezagsorganen gevestigd zijn en de samenwerkingsverbanden waarbij de scholen van de samenwerkende bevoegde gezagsorganen zijn aangesloten;
c. een experimenteerplan waarin in het kader van het experiment in ieder geval wordt beschreven: 1°. de gezamenlijke visie van de deelnemende scholen en instellingen van de samenwerkende bevoegde gezagsorganen op de organisatorische en onderwijskundige inrichting van het onderwijs binnen dit experiment;
2° de organisatorische en onderwijskundige inrichting van de integratie van de voorzieningen;
3° de inzet van leraren en onderwijsondersteunend personeel;
4° de invulling van het onderwijs- en ondersteuningsaanbod voor alle leerlingen van de deelnemende scholen;
6° de wijze waarop zo nodig samengewerkt wordt met de zorg;
7° een begroting waarin wordt aangegeven hoe de scholen of instellingen van de samenwerkende bevoegde gezagsorganen hun bekostiging inzetten;
8° de visie van het samenwerkingsverband op inclusie en het realiseren daarvan;
9° op welke wijze het experiment bijdraagt aan het realiseren van inclusief onderwijs in het samenwerkingsverband;
10° op welke wijze het samenwerkingsverband gaat stimuleren en faciliteren dat leerlingen uit het speciaal onderwijs die deel uitmaken van het experiment op termijn in het regulier onderwijs worden ingeschreven;
11° welke ondersteuning vanuit het samenwerkingsverband, de school en het bevoegd gezag beschikbaar is voor de leerlingen die deel uitmaken van het experiment vanaf het moment dat zij ingeschreven worden op de reguliere school;
12° hoe de beschreven activiteiten worden uitgevoerd.
1°. de gezamenlijke visie van de deelnemende scholen en instellingen van de samenwerkende bevoegde gezagsorganen op de organisatorische en onderwijskundige inrichting van het onderwijs binnen dit experiment;
2° de organisatorische en onderwijskundige inrichting van de integratie van de voorzieningen;
3° de inzet van leraren en onderwijsondersteunend personeel;
4° de invulling van het onderwijs- en ondersteuningsaanbod voor alle leerlingen van de deelnemende scholen;
6° de wijze waarop zo nodig samengewerkt wordt met de zorg;
7° een begroting waarin wordt aangegeven hoe de scholen of instellingen van de samenwerkende bevoegde gezagsorganen hun bekostiging inzetten;
8° de visie van het samenwerkingsverband op inclusie en het realiseren daarvan;
9° op welke wijze het experiment bijdraagt aan het realiseren van inclusief onderwijs in het samenwerkingsverband;
10° op welke wijze het samenwerkingsverband gaat stimuleren en faciliteren dat leerlingen uit het speciaal onderwijs die deel uitmaken van het experiment op termijn in het regulier onderwijs worden ingeschreven;
11° welke ondersteuning vanuit het samenwerkingsverband, de school en het bevoegd gezag beschikbaar is voor de leerlingen die deel uitmaken van het experiment vanaf het moment dat zij ingeschreven worden op de reguliere school;
12° hoe de beschreven activiteiten worden uitgevoerd.
2. In afwijking van het eerste lid dient de penvoerder een aanvraag voor deelname aan het experiment met ingang van 1 januari 2025 in bij de minister op uiterlijk 1 oktober 2024.
3. De aanvraag, bedoeld in het eerste lid, omvat:
a. de contactgegevens van de samenwerkende bevoegde gezagsorganen;
b. een schriftelijke verklaring van instemming met deelname aan het experiment van de medezeggenschapsraden van de deelnemende scholen of instellingen, de betrokken gemeente of gemeenten waar de scholen en instellingen van de samenwerkende bevoegde gezagsorganen gevestigd zijn en de samenwerkingsverbanden waarbij de scholen van de samenwerkende bevoegde gezagsorganen zijn aangesloten;
c. een experimenteerplan waarin in het kader van het experiment in ieder geval wordt beschreven: 1°. de gezamenlijke visie van de deelnemende scholen en instellingen van de samenwerkende bevoegde gezagsorganen op de organisatorische en onderwijskundige inrichting van het onderwijs binnen dit experiment;
2° de organisatorische en onderwijskundige inrichting van de integratie van de voorzieningen;
3° de inzet van leraren en onderwijsondersteunend personeel;
4° de invulling van het onderwijs- en ondersteuningsaanbod voor alle leerlingen van de deelnemende scholen;
6° de wijze waarop zo nodig samengewerkt wordt met de zorg;
7° een begroting waarin wordt aangegeven hoe de scholen of instellingen van de samenwerkende bevoegde gezagsorganen hun bekostiging inzetten;
8° de visie van het samenwerkingsverband op inclusie en het realiseren daarvan;
9° op welke wijze het experiment bijdraagt aan het realiseren van inclusief onderwijs in het samenwerkingsverband;
10° op welke wijze het samenwerkingsverband gaat stimuleren en faciliteren dat leerlingen uit het speciaal onderwijs die deel uitmaken van het experiment op termijn in het regulier onderwijs worden ingeschreven;
11° welke ondersteuning vanuit het samenwerkingsverband, de school en het bevoegd gezag beschikbaar is voor de leerlingen die deel uitmaken van het experiment vanaf het moment dat zij ingeschreven worden op de reguliere school;
12° hoe de beschreven activiteiten worden uitgevoerd.
1°. de gezamenlijke visie van de deelnemende scholen en instellingen van de samenwerkende bevoegde gezagsorganen op de organisatorische en onderwijskundige inrichting van het onderwijs binnen dit experiment;
2° de organisatorische en onderwijskundige inrichting van de integratie van de voorzieningen;
3° de inzet van leraren en onderwijsondersteunend personeel;
4° de invulling van het onderwijs- en ondersteuningsaanbod voor alle leerlingen van de deelnemende scholen;
6° de wijze waarop zo nodig samengewerkt wordt met de zorg;
7° een begroting waarin wordt aangegeven hoe de scholen of instellingen van de samenwerkende bevoegde gezagsorganen hun bekostiging inzetten;
8° de visie van het samenwerkingsverband op inclusie en het realiseren daarvan;
9° op welke wijze het experiment bijdraagt aan het realiseren van inclusief onderwijs in het samenwerkingsverband;
10° op welke wijze het samenwerkingsverband gaat stimuleren en faciliteren dat leerlingen uit het speciaal onderwijs die deel uitmaken van het experiment op termijn in het regulier onderwijs worden ingeschreven;
11° welke ondersteuning vanuit het samenwerkingsverband, de school en het bevoegd gezag beschikbaar is voor de leerlingen die deel uitmaken van het experiment vanaf het moment dat zij ingeschreven worden op de reguliere school;
12° hoe de beschreven activiteiten worden uitgevoerd.