BWBR0049823
Geldig vanaf 2024-06-19
Artikel 2
Beleidsregel beheerder bedrijfscampus in de zin van de Wet veiligheidstoets investeringen, fusies en overnames
1. Tot potentieel gevoelige activiteiten voor de veiligheid van een bedrijfscampus worden gerekend:
a. het verlenen van toegang tot generieke of specifieke faciliteiten die op het terrein beschikbaar zijn;
b. het bepalen van het toelatingsbeleid tot vestiging van ondernemingen op het terrein, of
c. het planmatig in stand houden en ontwikkelen van het ecosysteem op het terrein, onder meer door kennisuitwisseling of andere vormen van samenwerking te bevorderen of te continueren.
2. De mate van verantwoordelijkheid tot aansturing van potentieel gevoelige activiteiten is te categoriseren naar:
a. afwezigheid van verantwoordelijkheid bij één of meer overkoepelende organisaties, waarbij met een overkoepelende organisatie wordt gedoeld op een organisatie die op basis van coördinatie en afstemming voor andere organisaties beslissingen neemt over, of taken uitvoert met betrekking op, potentieel gevoelige activiteiten;
b. spreiding van verantwoordelijkheid over meer dan twee organisaties;
c. spreiding van verantwoordelijkheid over twee organisaties;
d. de verantwoordelijkheid voor alle activiteiten valt onder één organisatie.
3. Voor de toepassing van het tweede lid wordt onder organisatie verstaan: een onderneming of een rechtspersoon die niet primair economische activiteiten verricht, zoals een gemeente of provincie.
4. Indien meerdere organisaties onderling verbonden zijn door middel van aandeelhouderschap, bestuurdersbenoemingen of uitoefening van benoemingsrechten in de ander, worden zij voor de toepassing van het tweede lid als één organisatie aangemerkt.
5. Voor de toepassing van artikel 1, eerste lid, onderdeel a, is invloed op de veiligheid van de bedrijfscampus in ieder geval aannemelijk, indien met toepassing van het score-overzicht van bijlage 1numerieke scores zijn vastgesteld, die met toepassing van de risicomatrix, bedoeld in bijlage 2, ten minste één keer als uitkomst heeft ‘beheer aannemelijk’.
a. het verlenen van toegang tot generieke of specifieke faciliteiten die op het terrein beschikbaar zijn;
b. het bepalen van het toelatingsbeleid tot vestiging van ondernemingen op het terrein, of
c. het planmatig in stand houden en ontwikkelen van het ecosysteem op het terrein, onder meer door kennisuitwisseling of andere vormen van samenwerking te bevorderen of te continueren.
2. De mate van verantwoordelijkheid tot aansturing van potentieel gevoelige activiteiten is te categoriseren naar:
a. afwezigheid van verantwoordelijkheid bij één of meer overkoepelende organisaties, waarbij met een overkoepelende organisatie wordt gedoeld op een organisatie die op basis van coördinatie en afstemming voor andere organisaties beslissingen neemt over, of taken uitvoert met betrekking op, potentieel gevoelige activiteiten;
b. spreiding van verantwoordelijkheid over meer dan twee organisaties;
c. spreiding van verantwoordelijkheid over twee organisaties;
d. de verantwoordelijkheid voor alle activiteiten valt onder één organisatie.
3. Voor de toepassing van het tweede lid wordt onder organisatie verstaan: een onderneming of een rechtspersoon die niet primair economische activiteiten verricht, zoals een gemeente of provincie.
4. Indien meerdere organisaties onderling verbonden zijn door middel van aandeelhouderschap, bestuurdersbenoemingen of uitoefening van benoemingsrechten in de ander, worden zij voor de toepassing van het tweede lid als één organisatie aangemerkt.
5. Voor de toepassing van artikel 1, eerste lid, onderdeel a, is invloed op de veiligheid van de bedrijfscampus in ieder geval aannemelijk, indien met toepassing van het score-overzicht van bijlage 1numerieke scores zijn vastgesteld, die met toepassing van de risicomatrix, bedoeld in bijlage 2, ten minste één keer als uitkomst heeft ‘beheer aannemelijk’.