BWBR0049778
Geldig vanaf 2025-06-28
Artikel 5
Implementatiebesluit toegankelijkheidsvoorschriften e-boekdiensten
1. De in artikel 3, eerste lid, bedoelde toegankelijkheidsvoorschriften zijn uitsluitend van toepassing voor zover de naleving ervan:
a. geen ingrijpende wijziging van een e-boekdienst vereist, resulterend in een fundamentele wijziging van de wezenlijke aard ervan, en
b. geen onevenredige last voor de betrokken dienstverlener oplevert.
2. Dienstverleners voeren een beoordeling uit om te kunnen bepalen of het naleven van de in artikel 3, eerste lid, bedoelde toegankelijkheidsvoorschriften tot een fundamentele wijziging leidt of, overeenkomstig de desbetreffende criteria in Bijlage VI van de richtlijn, een onevenredige last oplevert.
3. Dienstverleners documenteren de in het tweede lid bedoelde beoordeling. Dienstverleners bewaren alle relevante resultaten gedurende een periode van vijf jaar nadat de e-boekdienst voor het laatst op de markt is verleend. Dienstverleners verstrekken op diens verzoek aan het Commissariaat voor de Media een exemplaar van de in het tweede lid bedoelde beoordeling.
4. Dienstverleners die een beroep doen op het eerste lid, onder b, vernieuwen hun beoordeling van de onevenredige last:
a. naar aanleiding van wijziging van de aangeboden e-boekdienst; of
b. op verzoek van het Commissariaat voor de Media; of
c. in ieder geval na vijf jaar.
5. Dienstverleners die uit andere bronnen dan eigen middelen financiering ontvangen ter verbetering van de toegankelijkheid, ongeacht of het om publieke of particuliere financiering gaat, kunnen geen beroep doen op het eerste lid, onder b.
6. Dienstverleners die voor een specifieke e-boekdienst een beroep doen op het eerste lid, verstrekken informatie daartoe aan het Commissariaat voor de media.
7. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de beoordeling, bedoeld in het tweede lid.
a. geen ingrijpende wijziging van een e-boekdienst vereist, resulterend in een fundamentele wijziging van de wezenlijke aard ervan, en
b. geen onevenredige last voor de betrokken dienstverlener oplevert.
2. Dienstverleners voeren een beoordeling uit om te kunnen bepalen of het naleven van de in artikel 3, eerste lid, bedoelde toegankelijkheidsvoorschriften tot een fundamentele wijziging leidt of, overeenkomstig de desbetreffende criteria in Bijlage VI van de richtlijn, een onevenredige last oplevert.
3. Dienstverleners documenteren de in het tweede lid bedoelde beoordeling. Dienstverleners bewaren alle relevante resultaten gedurende een periode van vijf jaar nadat de e-boekdienst voor het laatst op de markt is verleend. Dienstverleners verstrekken op diens verzoek aan het Commissariaat voor de Media een exemplaar van de in het tweede lid bedoelde beoordeling.
4. Dienstverleners die een beroep doen op het eerste lid, onder b, vernieuwen hun beoordeling van de onevenredige last:
a. naar aanleiding van wijziging van de aangeboden e-boekdienst; of
b. op verzoek van het Commissariaat voor de Media; of
c. in ieder geval na vijf jaar.
5. Dienstverleners die uit andere bronnen dan eigen middelen financiering ontvangen ter verbetering van de toegankelijkheid, ongeacht of het om publieke of particuliere financiering gaat, kunnen geen beroep doen op het eerste lid, onder b.
6. Dienstverleners die voor een specifieke e-boekdienst een beroep doen op het eerste lid, verstrekken informatie daartoe aan het Commissariaat voor de media.
7. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de beoordeling, bedoeld in het tweede lid.