BWBR0049693
Geldig vanaf 2024-07-01
Artikel 9
Subsidieregeling permanente reductie rechten op de inzet van staand net en zegen in het IJsselmeergebied
1. De subsidieontvanger voert een zodanige administratie dat daaruit te allen tijde op eenvoudige en duidelijke wijze is af te leiden dat de ontvanger voldoet aan de bij deze regeling gestelde eisen.
2. De administratie, bedoeld in het eerste lid, wordt tot tien jaar na de datum van de beschikking tot subsidievaststelling bewaard.
3. De subsidieontvanger verleent gedurende vijf jaar na de datum van de beschikking tot subsidievaststelling medewerking aan een evaluatie van de doeltreffendheid en de effecten van de aan hem verstrekte subsidie, voor zover medewerking redelijkerwijs van hem kan worden verlangd.
4. De subsidieontvanger levert binnen vier weken na ontvangst van de subsidiebeschikking alle merkjes die behoren bij het recht op de inzet van staand net waarvan hij afstand doet in bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.
5. De subsidieontvanger onthoudt zich tot vijf jaar na de betaling van de subsidie van gedragingen die leiden tot niet-naleving van de voorschriften van het gemeenschappelijk visserijbeleid.
6. De subsidieontvanger besteedt de subsidie niet aan de vervanging of modernisering van een hoofd- of hulpmotor van een vissersvaartuig, tenzij wordt voldaan aan de in artikel 18 van verordening (EU) 2021/1139gestelde eisen.
2. De administratie, bedoeld in het eerste lid, wordt tot tien jaar na de datum van de beschikking tot subsidievaststelling bewaard.
3. De subsidieontvanger verleent gedurende vijf jaar na de datum van de beschikking tot subsidievaststelling medewerking aan een evaluatie van de doeltreffendheid en de effecten van de aan hem verstrekte subsidie, voor zover medewerking redelijkerwijs van hem kan worden verlangd.
4. De subsidieontvanger levert binnen vier weken na ontvangst van de subsidiebeschikking alle merkjes die behoren bij het recht op de inzet van staand net waarvan hij afstand doet in bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.
5. De subsidieontvanger onthoudt zich tot vijf jaar na de betaling van de subsidie van gedragingen die leiden tot niet-naleving van de voorschriften van het gemeenschappelijk visserijbeleid.
6. De subsidieontvanger besteedt de subsidie niet aan de vervanging of modernisering van een hoofd- of hulpmotor van een vissersvaartuig, tenzij wordt voldaan aan de in artikel 18 van verordening (EU) 2021/1139gestelde eisen.