BWBR0049581
Geldig vanaf 2024-04-19
Artikel 11
Stimuleringsregeling Technologie in Ondersteuning en Zorg
1. Van digitale of hybride processen in zorg of ondersteuning kan bewezen worden dat deze processen en de daarbij noodzakelijke gebruikte toepassingen een substantiële impact hebben gehad:
a. bij minimaal drie aanbieders;
b. bij hen gezamenlijk op zestig cliënten, mantelzorgers of zorg- of ondersteuningsmedewerkers, mantelzorgers of zorg- of ondersteuningsmedewerkers; en
c. op ten minste een van de twee doelen uit deze regeling zoals bedoeld in artikel 3, eerste lid.
2. Digitale of hybride processen in zorg of ondersteuning zijn niet primair gericht op:
a. de uitwisseling van gegevens;
b. informatiesystemen als het elektronische patiëntendossier of persoonlijke gezondheidsomgeving.
3. Een innovatiecluster bestaat uit in ieder geval een aanbieder en een inkoper.
4. Indien een aanvraag wordt ingediend ten behoeve van een samenwerkingsverband en de penvoerder een aanbieder is, bestaat het samenwerkingsverband uit een inkoper en ten minste twee aanbieders.
5. Indien een aanvraag wordt ingediend ten behoeve van een innovatiecluster of samenwerkingsverband en de penvoerder of de clusterorganisatie een rechtspersoon is zonder winstoogmerk, niet zijnde een aanbieder, dienen minstens een inkoper en ten minste vijf aanbieders aangesloten te zijn.
6. De aanvraag voor subsidie en het bij die subsidieaanvraag gevoegde activiteitenplan voor investering in of exploitatie van een innovatiecluster, proces- en organisatie-innovatie of opleidingsactiviteiten voldoen, in aanvulling op artikel 3.4 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS, aan de beoordelingscriteria, bedoeld in de bijlagebij deze regeling.
7. De minister wijst een subsidieaanvraag in ieder geval af als:
a. niet wordt voldaan aan het bepaalde in deze regeling of de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS;
b. er al een subsidie is verstrekt voor dezelfde activiteiten op grond van deze of een andere regeling;
c. het een subsidieaanvraag voor strategievorming betreft en aan de aanvrager al eerder subsidie voor strategievorming op grond van deze regeling is verleend;
d. er op grond van deze regeling al vijfmaal eerder een subsidie is verleend aan de aanvrager;
e. de verstrekking van een subsidie voor investering in of exploitatie van een innovatiecluster, proces- en organisatie-innovatie of opleidingsactiviteiten niet in overeenstemming is met het bepaalde in de algemene groepsvrijstellingsverordening;
f. de verstrekking van een subsidie voor strategievorming niet in overeenstemming is met de deminimisverordening.
a. bij minimaal drie aanbieders;
b. bij hen gezamenlijk op zestig cliënten, mantelzorgers of zorg- of ondersteuningsmedewerkers, mantelzorgers of zorg- of ondersteuningsmedewerkers; en
c. op ten minste een van de twee doelen uit deze regeling zoals bedoeld in artikel 3, eerste lid.
2. Digitale of hybride processen in zorg of ondersteuning zijn niet primair gericht op:
a. de uitwisseling van gegevens;
b. informatiesystemen als het elektronische patiëntendossier of persoonlijke gezondheidsomgeving.
3. Een innovatiecluster bestaat uit in ieder geval een aanbieder en een inkoper.
4. Indien een aanvraag wordt ingediend ten behoeve van een samenwerkingsverband en de penvoerder een aanbieder is, bestaat het samenwerkingsverband uit een inkoper en ten minste twee aanbieders.
5. Indien een aanvraag wordt ingediend ten behoeve van een innovatiecluster of samenwerkingsverband en de penvoerder of de clusterorganisatie een rechtspersoon is zonder winstoogmerk, niet zijnde een aanbieder, dienen minstens een inkoper en ten minste vijf aanbieders aangesloten te zijn.
6. De aanvraag voor subsidie en het bij die subsidieaanvraag gevoegde activiteitenplan voor investering in of exploitatie van een innovatiecluster, proces- en organisatie-innovatie of opleidingsactiviteiten voldoen, in aanvulling op artikel 3.4 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS, aan de beoordelingscriteria, bedoeld in de bijlagebij deze regeling.
7. De minister wijst een subsidieaanvraag in ieder geval af als:
a. niet wordt voldaan aan het bepaalde in deze regeling of de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS;
b. er al een subsidie is verstrekt voor dezelfde activiteiten op grond van deze of een andere regeling;
c. het een subsidieaanvraag voor strategievorming betreft en aan de aanvrager al eerder subsidie voor strategievorming op grond van deze regeling is verleend;
d. er op grond van deze regeling al vijfmaal eerder een subsidie is verleend aan de aanvrager;
e. de verstrekking van een subsidie voor investering in of exploitatie van een innovatiecluster, proces- en organisatie-innovatie of opleidingsactiviteiten niet in overeenstemming is met het bepaalde in de algemene groepsvrijstellingsverordening;
f. de verstrekking van een subsidie voor strategievorming niet in overeenstemming is met de deminimisverordening.