BWBR0049263
Geldig vanaf 2024-04-01
Artikel 2
Besluit bestuurlijke boete Visserijwet 1963
1. Onze Minister stelt de hoogte van de bestuurlijke boete die voor een overtreding kan worden opgelegd vast overeenkomstig de volgende categorieën boetebedragen:
a. boetebedrag 1: € 150;
b. boetebedrag 2: € 350;
c. boetebedrag 3: € 450;
d. boetebedrag 4: € 750;
e. boetebedrag 5: € 1.500;
f. boetebedrag 6: € 3.000;
g. boetebedrag 7: € 4.500;
h. boetebedrag 8: € 6.000;
i. boetebedrag 9: € 7.000;
j. boetebedrag 10: € 8.500;
k. boetebedrag 11: € 10.000 of, indien dat meer is, 10% van de jaaromzet, onverminderd artikel 54c, derde lid, van de wet.
2. De berekening van de omzet, bedoeld in het eerste lid, onderdeel k, geschiedt op voet van het bepaalde voor de netto-omzet in artikel 377, zesde lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.
a. boetebedrag 1: € 150;
b. boetebedrag 2: € 350;
c. boetebedrag 3: € 450;
d. boetebedrag 4: € 750;
e. boetebedrag 5: € 1.500;
f. boetebedrag 6: € 3.000;
g. boetebedrag 7: € 4.500;
h. boetebedrag 8: € 6.000;
i. boetebedrag 9: € 7.000;
j. boetebedrag 10: € 8.500;
k. boetebedrag 11: € 10.000 of, indien dat meer is, 10% van de jaaromzet, onverminderd artikel 54c, derde lid, van de wet.
2. De berekening van de omzet, bedoeld in het eerste lid, onderdeel k, geschiedt op voet van het bepaalde voor de netto-omzet in artikel 377, zesde lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.