BWBR0049215
Geldig vanaf 2024-01-13
Artikel 3.2
Algemeen interventiebeleid NVWA 2024
1. De NVWA houdt toezicht met een frequentie die passend is voor de risico’s voor voedselveiligheid, diergezondheid, dierenwelzijn, natuur en milieu, plantgezondheid, productveiligheid of tabaks- en alcoholontmoediging die overtredingen met zich meebrengen.
2. Van permanent toezicht is sprake wanneer de voortdurende aanwezigheid op een bedrijf van ten minste één toezichthouder tijdens de bedrijfsactiviteiten wettelijk is vereist of op grond van een risicobeoordeling door de NVWA passend wordt geacht.
3. Van hoogfrequent toezicht is sprake wanneer de aanwezigheid op een bedrijf gedurende ten minste tweemaal per week van ten minste één toezichthouder tijdens de bedrijfsactiviteiten wettelijk is vereist of op grond van een risicobeoordeling door de NVWA passend wordt geacht.
2. Van permanent toezicht is sprake wanneer de voortdurende aanwezigheid op een bedrijf van ten minste één toezichthouder tijdens de bedrijfsactiviteiten wettelijk is vereist of op grond van een risicobeoordeling door de NVWA passend wordt geacht.
3. Van hoogfrequent toezicht is sprake wanneer de aanwezigheid op een bedrijf gedurende ten minste tweemaal per week van ten minste één toezichthouder tijdens de bedrijfsactiviteiten wettelijk is vereist of op grond van een risicobeoordeling door de NVWA passend wordt geacht.