BWBR0049095
Geldig vanaf 2023-12-22
Artikel 2
Beleidsregel vergoeding kosten aardbevingsbestendige industrie Groningen 2023
1. Deze beleidsregel is van toepassing op:
a. bedrijven die: 1°. de activiteiten verrichten, genoemd in artikel 5.4 en de bijbehorende bijlage VII, met uitzondering van onderdeel A, subonderdelen 4, 5 en 11, onderdeel B, subonderdelen 3 en 4, onderdeel C, onderdeel D, subonderdeel 1 en onderdeel E, subonderdelen 1 en 13, van het Besluit kwaliteit leefomgeving;
2°. inrichtingen met een installatie als bedoeld in bijlage I bij de Richtlijn 2010/75/EU van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 inzake industriële emissies (geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging) oprichten of in werking hebben;
3°. inrichtingen waarop afdeling 2 van hoofdstuk 2 van het Arbeidsomstandighedenbesluit van toepassing is oprichten of in werking hebben;
4°. inrichtingen die gevaarlijke stoffen opslaan in een hoeveelheid die een drempelwaarde als genoemd in bijlage 1 bij de Regeling provinciale risicokaart overschrijdt, oprichten of in werking hebben;
1°. de activiteiten verrichten, genoemd in artikel 5.4 en de bijbehorende bijlage VII, met uitzondering van onderdeel A, subonderdelen 4, 5 en 11, onderdeel B, subonderdelen 3 en 4, onderdeel C, onderdeel D, subonderdeel 1 en onderdeel E, subonderdelen 1 en 13, van het Besluit kwaliteit leefomgeving;
2°. inrichtingen met een installatie als bedoeld in bijlage I bij de Richtlijn 2010/75/EU van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 inzake industriële emissies (geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging) oprichten of in werking hebben;
3°. inrichtingen waarop afdeling 2 van hoofdstuk 2 van het Arbeidsomstandighedenbesluit van toepassing is oprichten of in werking hebben;
4°. inrichtingen die gevaarlijke stoffen opslaan in een hoeveelheid die een drempelwaarde als genoemd in bijlage 1 bij de Regeling provinciale risicokaart overschrijdt, oprichten of in werking hebben;
b. de bedrijven, genoemd in bijlage I bij deze regeling.
2. Deze beleidsregel is uitsluitend van toepassing op de installaties van het bedrijf en op de gebouwen die functioneel verbonden zijn met die installaties.
3. Deze beleidsregel is niet van toepassing op nieuw te bouwen gebouwen waarop de Beleidsregel vergoeding kosten aardbevingsbestendige nieuwbouw Groningen van toepassing is.
a. bedrijven die: 1°. de activiteiten verrichten, genoemd in artikel 5.4 en de bijbehorende bijlage VII, met uitzondering van onderdeel A, subonderdelen 4, 5 en 11, onderdeel B, subonderdelen 3 en 4, onderdeel C, onderdeel D, subonderdeel 1 en onderdeel E, subonderdelen 1 en 13, van het Besluit kwaliteit leefomgeving;
2°. inrichtingen met een installatie als bedoeld in bijlage I bij de Richtlijn 2010/75/EU van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 inzake industriële emissies (geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging) oprichten of in werking hebben;
3°. inrichtingen waarop afdeling 2 van hoofdstuk 2 van het Arbeidsomstandighedenbesluit van toepassing is oprichten of in werking hebben;
4°. inrichtingen die gevaarlijke stoffen opslaan in een hoeveelheid die een drempelwaarde als genoemd in bijlage 1 bij de Regeling provinciale risicokaart overschrijdt, oprichten of in werking hebben;
1°. de activiteiten verrichten, genoemd in artikel 5.4 en de bijbehorende bijlage VII, met uitzondering van onderdeel A, subonderdelen 4, 5 en 11, onderdeel B, subonderdelen 3 en 4, onderdeel C, onderdeel D, subonderdeel 1 en onderdeel E, subonderdelen 1 en 13, van het Besluit kwaliteit leefomgeving;
2°. inrichtingen met een installatie als bedoeld in bijlage I bij de Richtlijn 2010/75/EU van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 inzake industriële emissies (geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging) oprichten of in werking hebben;
3°. inrichtingen waarop afdeling 2 van hoofdstuk 2 van het Arbeidsomstandighedenbesluit van toepassing is oprichten of in werking hebben;
4°. inrichtingen die gevaarlijke stoffen opslaan in een hoeveelheid die een drempelwaarde als genoemd in bijlage 1 bij de Regeling provinciale risicokaart overschrijdt, oprichten of in werking hebben;
b. de bedrijven, genoemd in bijlage I bij deze regeling.
2. Deze beleidsregel is uitsluitend van toepassing op de installaties van het bedrijf en op de gebouwen die functioneel verbonden zijn met die installaties.
3. Deze beleidsregel is niet van toepassing op nieuw te bouwen gebouwen waarop de Beleidsregel vergoeding kosten aardbevingsbestendige nieuwbouw Groningen van toepassing is.