BWBR0048814
Geldig vanaf 2024-01-01
Artikel 2
Regeling vergoedingen Rijksinspectie Digitale Infrastructuur 2024
1. Voor de kosten van de door of namens de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur te verrichten werkzaamheden of diensten met betrekking tot de categorieën en subcategorieën, genoemd in bijlage 1., zijn de in bijlage 1. genoemde vergoedingen voor het kalenderjaar 2024 verschuldigd.
2. Het eerste lid is niet van toepassing voor zover werkzaamheden worden verricht voor verlenging van een vergunning, wijziging van een vergunning of van de tenaamstelling, of het verlenen van toestemming tot overdracht van een vergunning.
3. Indien een vergunning gedeeltelijk is overgedragen met gebruikmaking van geografische splitsing, wordt in het kalenderjaar na het besluit van de Minister tot overdracht, in afwijking van subcategorieën I.A.4., I.A.5. en I.A.6. van bijlage 1., de voor de vergunning verschuldigde vergoeding, bedoeld in bijlage 1., kolom II, naar evenredigheid van de grootte van de geografische gebieden van de gesplitste vergunningen over de houders omgeslagen, tenzij de verwachte kosten naar het oordeel van de Minister een andere verdeling rechtvaardigen.
4. Indien geen frequentieplanning plaatsvindt bij het verlenen van een vergunning als bedoeld in de subcategorieën I.C.10. en I.C.11. is, in afwijking van het eerste lid, een vergoeding verschuldigd van € 42. Deze vergoeding is verschuldigd door de verkrijger van de vergunning.
2. Het eerste lid is niet van toepassing voor zover werkzaamheden worden verricht voor verlenging van een vergunning, wijziging van een vergunning of van de tenaamstelling, of het verlenen van toestemming tot overdracht van een vergunning.
3. Indien een vergunning gedeeltelijk is overgedragen met gebruikmaking van geografische splitsing, wordt in het kalenderjaar na het besluit van de Minister tot overdracht, in afwijking van subcategorieën I.A.4., I.A.5. en I.A.6. van bijlage 1., de voor de vergunning verschuldigde vergoeding, bedoeld in bijlage 1., kolom II, naar evenredigheid van de grootte van de geografische gebieden van de gesplitste vergunningen over de houders omgeslagen, tenzij de verwachte kosten naar het oordeel van de Minister een andere verdeling rechtvaardigen.
4. Indien geen frequentieplanning plaatsvindt bij het verlenen van een vergunning als bedoeld in de subcategorieën I.C.10. en I.C.11. is, in afwijking van het eerste lid, een vergoeding verschuldigd van € 42. Deze vergoeding is verschuldigd door de verkrijger van de vergunning.