BWBR0048740
Geldig vanaf 17-10-2023
Artikel 5.1
Deelregeling meerjarige festivalsubsidies Fonds Podiumkunsten 2025-2028
1. De subsidieontvanger meldt onverwijld aan het bestuur als:
a. de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt niet of niet geheel zullen doorgaan;
b. niet geheel aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen zal worden voldaan; of
c. er aanzienlijke artistieke of zakelijke wijzigingen zijn ten opzichte van het plan op basis waarvan subsidie is verstrekt.
2. De subsidieontvanger plaatst het logo of de naam van het Fonds Podiumkunsten op alle publiciteitsuitingen die betrekking hebben op de gesubsidieerde activiteiten en stuurt exemplaren van drukwerk dat betrekking heeft op de gesubsidieerde activiteiten aan het Fonds Podiumkunsten. Daarnaast levert de subsidieontvanger minstens twee rechtenvrije foto’s aan, die het Fonds Podiumkunsten met naamsvermelding mag gebruiken in zijn communicatie-uitingen.
3. Voor zover de subsidieontvanger een organisatiebijdrage ontvangt, dient deze aan te tonen dat de financiële bijdragen van gemeente(n) of provincie(s) gemiddeld over de periode 2025-2028 minimaal even hoog zijn als de door het Fonds Podiumkunsten toegekende organisatiebijdrage.
4. Voor zover de subsidieontvanger een organisatiebijdrage ontvangt, dient deze aan te tonen dat de solvabiliteit minimaal hoger is dan 0,50 op 31 december in de jaren 2024, 2025, 2026, 2027 en 2028. Hiertoe dient de subsidieontvanger over deze jaren ieder jaar de jaarrekening aan het Fonds Podiumkunsten te sturen.
5. Het bestuur kan bij beschikking andere dan de in de leden een tot en met vier opgenomen verplichtingen aan de subsidie verbinden.
a. de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt niet of niet geheel zullen doorgaan;
b. niet geheel aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen zal worden voldaan; of
c. er aanzienlijke artistieke of zakelijke wijzigingen zijn ten opzichte van het plan op basis waarvan subsidie is verstrekt.
2. De subsidieontvanger plaatst het logo of de naam van het Fonds Podiumkunsten op alle publiciteitsuitingen die betrekking hebben op de gesubsidieerde activiteiten en stuurt exemplaren van drukwerk dat betrekking heeft op de gesubsidieerde activiteiten aan het Fonds Podiumkunsten. Daarnaast levert de subsidieontvanger minstens twee rechtenvrije foto’s aan, die het Fonds Podiumkunsten met naamsvermelding mag gebruiken in zijn communicatie-uitingen.
3. Voor zover de subsidieontvanger een organisatiebijdrage ontvangt, dient deze aan te tonen dat de financiële bijdragen van gemeente(n) of provincie(s) gemiddeld over de periode 2025-2028 minimaal even hoog zijn als de door het Fonds Podiumkunsten toegekende organisatiebijdrage.
4. Voor zover de subsidieontvanger een organisatiebijdrage ontvangt, dient deze aan te tonen dat de solvabiliteit minimaal hoger is dan 0,50 op 31 december in de jaren 2024, 2025, 2026, 2027 en 2028. Hiertoe dient de subsidieontvanger over deze jaren ieder jaar de jaarrekening aan het Fonds Podiumkunsten te sturen.
5. Het bestuur kan bij beschikking andere dan de in de leden een tot en met vier opgenomen verplichtingen aan de subsidie verbinden.
- Citeren als
- Art. 5.1
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0048740
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl