BWBR0048556
Geldig vanaf 01-01-2024
Artikel 6
Regeling verpleging en verzorging
1. Reikwijdte
Naast de administratieverplichtingen uit artikel 4 en de declaratiebepalingen uit artikel 5, zijn de in dit artikel opgenomen administratie-, declaratie- en informatieverplichtingen van toepassing op zorgaanbieders die de volgende prestatiebeschrijvingen declareren, zoals vermeld in artikel 4, onderdelen f t/m j, van de Beleidsregel experiment cliëntprofielen verpleging en verzorging:
– Verpleging en verzorging in combinatie met een cliëntprofiel, tarief per uur;
– Verpleging en verzorging in combinatie met een cliëntprofiel, tarief per dag;
– Verpleging en verzorging in combinatie met een cliëntprofiel, tarief per week;
– Verpleging en verzorging in combinatie met een cliëntprofiel, tarief per maand;
– Verpleging en verzorging in combinatie met een cliëntprofiel, tarief per kwartaal;
2. Het DKDL model
Wanneer de prestatiebeschrijvingen ‘Verpleging en verzorging in combinatie met een cliëntprofiel’ zoals vermeld in artikel 6.1 worden gedeclareerd, dient het DKDL model gebruikt te worden. Aan dit model ligt de vragenlijst zoals beschreven in artikel 6.4 ten grondslag. Op basis van de antwoorden op de vragenlijst wordt de cliënt ingedeeld in een cliëntprofiel uit het DKDL model.
In onderstaande figuur is het het DKDL model schematisch weergegeven.
3. De case-mix vragenlijst
De vragenlijst bestaat uit twee onderdelen. De vragenlijst start met drie initiële vragen (artikel 6.3.a). Een aantal antwoorden op deze vragen verwijst direct naar een cliëntprofiel zonder dat de DKDL vragen (artikel 6.3.b) hoeven te worden doorlopen. Welk profiel van toepassing is of welke vraag/vragen nog beantwoord dient/dienen te worden staat telkens aangegeven onder ’vervolg’ bij elke vraag.
In artikel 6.3.c is opgenomen welk profiel volgt uit de antwoorden op de initiële vragen en de DKDL vragen.
a. Initiële vragen 1. Medische kindzorg thuis
2. Palliatief-terminale zorg <3 maanden
3. (Nog) geen DKDL beschikbaar
1. Medische kindzorg thuis
2. Palliatief-terminale zorg <3 maanden
3. (Nog) geen DKDL beschikbaar
b. DKDL vragen De DKDL vragen zijn ingedeeld in vragen betreffende draagkracht, draaglast en ondersteuningsbehoefte. Draagkracht – Cliënten die op alle drie de draagkracht vragen optimaal scoren (goed functionerend geheugen, betekenisvolle contacten en geen psychische problematiek; alle drie de antwoordopties 1) worden ingedeeld in de groep ‘draagkrachtig’.
– Cliënten die op één of meer aspecten lager scoren (antwoordopties 2 en/of 3), worden ingedeeld in de groep ‘verminderd draagkrachtig’. 1. Psychisch functioneren en gedrag
2. Geheugen
3. Sociaal netwerk Draaglast Een cliënt wordt standaard ingedeeld in de groep ‘geen verhoogde draaglast’, behalve in de volgende twee gevallen: – wanneer er een verslechtering in de toestand wordt verwacht (antwoordoptie 3), ongeacht of de cliënt wel of geen mantelzorg ontvangt; of
– wanneer de toestand naar verwachting stabiel blijft (antwoordoptie 2) en de cliënt géén mantelzorg ontvangt (antwoordoptie 2). In deze gevallen spreken we van een ‘verhoogde draaglast’. 1. Mantelzorg Het gaat hier om onbetaalde zorg door (een) naaste(n) van de cliënt. Het gaat hierbij enkel om of er mantelzorg aanwezig is, niet om de hoeveelheid mantelzorg.
2. Verwachte verloop Ondersteuningsbehoefte (OB) De ondersteuningsbehoefte wordt bepaald door het combineren van de volgende items: – Continentie
– Wassen/douchen
– Medicatiegebruik
– Verpleegtechnische zorgvraag (laagcomplexe of complexe handeling) De ondersteuningsbehoefte is een som score van de vier scores op de items. De score loopt van 0 tot maximaal 18 punten. – lage ondersteuningsbehoefte: score < 4
– gemiddelde ondersteuningsbehoefte: score 4 of 5
– hoge ondersteuningsbehoefte: score 6 of hoger 1. Continentie
2. Wassen/douchen
3. Medicatiegebruik Het bestellen van medicatie valt hier niet onder.
4. Verpleegtechnische zorgvraag De antwoordopties dienen ingevuld te worden onafhankelijk van of hierbij hulp nodig is van anderen/de zorg die wordt ingezet.
– Cliënten die op alle drie de draagkracht vragen optimaal scoren (goed functionerend geheugen, betekenisvolle contacten en geen psychische problematiek; alle drie de antwoordopties 1) worden ingedeeld in de groep ‘draagkrachtig’.
– Cliënten die op één of meer aspecten lager scoren (antwoordopties 2 en/of 3), worden ingedeeld in de groep ‘verminderd draagkrachtig’.
1. Psychisch functioneren en gedrag
2. Geheugen
3. Sociaal netwerk
– wanneer er een verslechtering in de toestand wordt verwacht (antwoordoptie 3), ongeacht of de cliënt wel of geen mantelzorg ontvangt; of
– wanneer de toestand naar verwachting stabiel blijft (antwoordoptie 2) en de cliënt géén mantelzorg ontvangt (antwoordoptie 2).
1. Mantelzorg Het gaat hier om onbetaalde zorg door (een) naaste(n) van de cliënt. Het gaat hierbij enkel om of er mantelzorg aanwezig is, niet om de hoeveelheid mantelzorg.
2. Verwachte verloop
– Continentie
– Wassen/douchen
– Medicatiegebruik
– Verpleegtechnische zorgvraag (laagcomplexe of complexe handeling)
– lage ondersteuningsbehoefte: score < 4
– gemiddelde ondersteuningsbehoefte: score 4 of 5
– hoge ondersteuningsbehoefte: score 6 of hoger
1. Continentie
2. Wassen/douchen
3. Medicatiegebruik Het bestellen van medicatie valt hier niet onder.
4. Verpleegtechnische zorgvraag De antwoordopties dienen ingevuld te worden onafhankelijk van of hierbij hulp nodig is van anderen/de zorg die wordt ingezet.
c. De cliëntprofielen Uit de vragenlijst volgt of de cliënt valt in één van de initiële cliëntprofielen op basis van beantwoording van de drie initiële vragen (artikel 6.3.a). Dit zijn de volgende cliëntprofielen: – Medische kindzorg thuis
– Palliatief-terminale zorg < 3 maanden
– Geen DKDL beschikbaar
– Tijdelijk profiel (DKDL in kaart brengen) Uit de DKDL vragen volgt dat de cliënt draagkrachtig of verminderd draagkrachtig is, wel of geen verhoogde draaglast heeft en een hoge, gemiddelde of lage ondersteuningsbehoefte heeft. Hieruit volgen de volgende DKDL cliëntprofielen: – Profiel DKDL 1: draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, lage ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 2: draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, gemiddelde ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 3: draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, hoge ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 4: draagkrachtig, verhoogde draaglast, lage ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 5: draagkrachtig, verhoogde draaglast, gemiddelde ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 6: draagkrachtig, verhoogde draaglast, hoge ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 7: verminderd draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, lage ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 8: verminderd draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, gemiddelde ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 9: verminderd draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, hoge ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 10: verminderd draagkrachtig, verhoogde draaglast, lage ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 11: verminderd draagkrachtig, verhoogde draaglast, gemiddelde ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 12: verminderd draagkrachtig, verhoogde draaglast, hoge ondersteuningsbehoefte
– Medische kindzorg thuis
– Palliatief-terminale zorg < 3 maanden
– Geen DKDL beschikbaar
– Tijdelijk profiel (DKDL in kaart brengen)
– Profiel DKDL 1: draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, lage ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 2: draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, gemiddelde ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 3: draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, hoge ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 4: draagkrachtig, verhoogde draaglast, lage ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 5: draagkrachtig, verhoogde draaglast, gemiddelde ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 6: draagkrachtig, verhoogde draaglast, hoge ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 7: verminderd draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, lage ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 8: verminderd draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, gemiddelde ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 9: verminderd draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, hoge ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 10: verminderd draagkrachtig, verhoogde draaglast, lage ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 11: verminderd draagkrachtig, verhoogde draaglast, gemiddelde ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 12: verminderd draagkrachtig, verhoogde draaglast, hoge ondersteuningsbehoefte
4. Administratieverplichting
In de administratie van de zorgaanbieder worden per cliënt opgenomen:
– de gekozen antwoordoptie(s) die volgen uit de initiële vragen van de case-mix vragenlijst (artikel 6.3.a);
– indien uit de initiële vragen volgt dat de DKDL vragen ingevuld dienen te worden, de gekozen antwoordopties bij alle DKDL vragen van de case-mix vragenlijst (artikel 6.3.b).
– het volgens het DKDL model naar voren gekomen cliëntprofiel.
Bovengenoemde onderdelen worden geadministreerd bij indicatie en bij herindicatie. Dat betekent dat wanneer er voor de betreffende cliënt wijzigingen optreden die aanleiding zijn voor een herindicatie, dit ook een aanleiding is om de gekozen antwoordopties bij de case-mix vragenlijst en een mogelijk gewijzigd cliëntprofiel te administreren.
5. Registratieverplichting
De zorgaanbieder registreert op grond van deze regeling per cliënt het uit het DKDL model naar voren gekomen cliëntprofiel van de cliënt.
Wanneer er voor de betreffende cliënt wijzigingen optreden die aanleiding zijn voor een herindicatie, is dit ook een aanleiding om een mogelijk gewijzigd cliëntprofiel te registreren.
6. Informatieverplichting bij declaratie
Bij de declaratie van de prestatiebeschrijvingen onder 6.1 van deze Regeling wordt het cliëntprofiel (artikel 6.3.c) dat op grond van artikel 6.5 is geregistreerd, vermeld.
7. Uitzondering in geval van privacy bezwaren
De informatieverplichting als genoemd in artikel 5.6 is niet van toepassing wanneer op initiatief van de cliënt en de zorgaanbieder gezamenlijk een privacyverklaring is ondertekend (bijlage 1 bij deze regeling). De zorgaanbieder houdt de privacyverklaring in zijn administratie en stelt die op verzoek van de zorgverzekeraar beschikbaar.
Naast de administratieverplichtingen uit artikel 4 en de declaratiebepalingen uit artikel 5, zijn de in dit artikel opgenomen administratie-, declaratie- en informatieverplichtingen van toepassing op zorgaanbieders die de volgende prestatiebeschrijvingen declareren, zoals vermeld in artikel 4, onderdelen f t/m j, van de Beleidsregel experiment cliëntprofielen verpleging en verzorging:
– Verpleging en verzorging in combinatie met een cliëntprofiel, tarief per uur;
– Verpleging en verzorging in combinatie met een cliëntprofiel, tarief per dag;
– Verpleging en verzorging in combinatie met een cliëntprofiel, tarief per week;
– Verpleging en verzorging in combinatie met een cliëntprofiel, tarief per maand;
– Verpleging en verzorging in combinatie met een cliëntprofiel, tarief per kwartaal;
2. Het DKDL model
Wanneer de prestatiebeschrijvingen ‘Verpleging en verzorging in combinatie met een cliëntprofiel’ zoals vermeld in artikel 6.1 worden gedeclareerd, dient het DKDL model gebruikt te worden. Aan dit model ligt de vragenlijst zoals beschreven in artikel 6.4 ten grondslag. Op basis van de antwoorden op de vragenlijst wordt de cliënt ingedeeld in een cliëntprofiel uit het DKDL model.
In onderstaande figuur is het het DKDL model schematisch weergegeven.
3. De case-mix vragenlijst
De vragenlijst bestaat uit twee onderdelen. De vragenlijst start met drie initiële vragen (artikel 6.3.a). Een aantal antwoorden op deze vragen verwijst direct naar een cliëntprofiel zonder dat de DKDL vragen (artikel 6.3.b) hoeven te worden doorlopen. Welk profiel van toepassing is of welke vraag/vragen nog beantwoord dient/dienen te worden staat telkens aangegeven onder ’vervolg’ bij elke vraag.
In artikel 6.3.c is opgenomen welk profiel volgt uit de antwoorden op de initiële vragen en de DKDL vragen.
a. Initiële vragen 1. Medische kindzorg thuis
2. Palliatief-terminale zorg <3 maanden
3. (Nog) geen DKDL beschikbaar
1. Medische kindzorg thuis
2. Palliatief-terminale zorg <3 maanden
3. (Nog) geen DKDL beschikbaar
b. DKDL vragen De DKDL vragen zijn ingedeeld in vragen betreffende draagkracht, draaglast en ondersteuningsbehoefte. Draagkracht – Cliënten die op alle drie de draagkracht vragen optimaal scoren (goed functionerend geheugen, betekenisvolle contacten en geen psychische problematiek; alle drie de antwoordopties 1) worden ingedeeld in de groep ‘draagkrachtig’.
– Cliënten die op één of meer aspecten lager scoren (antwoordopties 2 en/of 3), worden ingedeeld in de groep ‘verminderd draagkrachtig’. 1. Psychisch functioneren en gedrag
2. Geheugen
3. Sociaal netwerk Draaglast Een cliënt wordt standaard ingedeeld in de groep ‘geen verhoogde draaglast’, behalve in de volgende twee gevallen: – wanneer er een verslechtering in de toestand wordt verwacht (antwoordoptie 3), ongeacht of de cliënt wel of geen mantelzorg ontvangt; of
– wanneer de toestand naar verwachting stabiel blijft (antwoordoptie 2) en de cliënt géén mantelzorg ontvangt (antwoordoptie 2). In deze gevallen spreken we van een ‘verhoogde draaglast’. 1. Mantelzorg Het gaat hier om onbetaalde zorg door (een) naaste(n) van de cliënt. Het gaat hierbij enkel om of er mantelzorg aanwezig is, niet om de hoeveelheid mantelzorg.
2. Verwachte verloop Ondersteuningsbehoefte (OB) De ondersteuningsbehoefte wordt bepaald door het combineren van de volgende items: – Continentie
– Wassen/douchen
– Medicatiegebruik
– Verpleegtechnische zorgvraag (laagcomplexe of complexe handeling) De ondersteuningsbehoefte is een som score van de vier scores op de items. De score loopt van 0 tot maximaal 18 punten. – lage ondersteuningsbehoefte: score < 4
– gemiddelde ondersteuningsbehoefte: score 4 of 5
– hoge ondersteuningsbehoefte: score 6 of hoger 1. Continentie
2. Wassen/douchen
3. Medicatiegebruik Het bestellen van medicatie valt hier niet onder.
4. Verpleegtechnische zorgvraag De antwoordopties dienen ingevuld te worden onafhankelijk van of hierbij hulp nodig is van anderen/de zorg die wordt ingezet.
– Cliënten die op alle drie de draagkracht vragen optimaal scoren (goed functionerend geheugen, betekenisvolle contacten en geen psychische problematiek; alle drie de antwoordopties 1) worden ingedeeld in de groep ‘draagkrachtig’.
– Cliënten die op één of meer aspecten lager scoren (antwoordopties 2 en/of 3), worden ingedeeld in de groep ‘verminderd draagkrachtig’.
1. Psychisch functioneren en gedrag
2. Geheugen
3. Sociaal netwerk
– wanneer er een verslechtering in de toestand wordt verwacht (antwoordoptie 3), ongeacht of de cliënt wel of geen mantelzorg ontvangt; of
– wanneer de toestand naar verwachting stabiel blijft (antwoordoptie 2) en de cliënt géén mantelzorg ontvangt (antwoordoptie 2).
1. Mantelzorg Het gaat hier om onbetaalde zorg door (een) naaste(n) van de cliënt. Het gaat hierbij enkel om of er mantelzorg aanwezig is, niet om de hoeveelheid mantelzorg.
2. Verwachte verloop
– Continentie
– Wassen/douchen
– Medicatiegebruik
– Verpleegtechnische zorgvraag (laagcomplexe of complexe handeling)
– lage ondersteuningsbehoefte: score < 4
– gemiddelde ondersteuningsbehoefte: score 4 of 5
– hoge ondersteuningsbehoefte: score 6 of hoger
1. Continentie
2. Wassen/douchen
3. Medicatiegebruik Het bestellen van medicatie valt hier niet onder.
4. Verpleegtechnische zorgvraag De antwoordopties dienen ingevuld te worden onafhankelijk van of hierbij hulp nodig is van anderen/de zorg die wordt ingezet.
c. De cliëntprofielen Uit de vragenlijst volgt of de cliënt valt in één van de initiële cliëntprofielen op basis van beantwoording van de drie initiële vragen (artikel 6.3.a). Dit zijn de volgende cliëntprofielen: – Medische kindzorg thuis
– Palliatief-terminale zorg < 3 maanden
– Geen DKDL beschikbaar
– Tijdelijk profiel (DKDL in kaart brengen) Uit de DKDL vragen volgt dat de cliënt draagkrachtig of verminderd draagkrachtig is, wel of geen verhoogde draaglast heeft en een hoge, gemiddelde of lage ondersteuningsbehoefte heeft. Hieruit volgen de volgende DKDL cliëntprofielen: – Profiel DKDL 1: draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, lage ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 2: draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, gemiddelde ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 3: draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, hoge ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 4: draagkrachtig, verhoogde draaglast, lage ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 5: draagkrachtig, verhoogde draaglast, gemiddelde ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 6: draagkrachtig, verhoogde draaglast, hoge ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 7: verminderd draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, lage ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 8: verminderd draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, gemiddelde ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 9: verminderd draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, hoge ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 10: verminderd draagkrachtig, verhoogde draaglast, lage ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 11: verminderd draagkrachtig, verhoogde draaglast, gemiddelde ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 12: verminderd draagkrachtig, verhoogde draaglast, hoge ondersteuningsbehoefte
– Medische kindzorg thuis
– Palliatief-terminale zorg < 3 maanden
– Geen DKDL beschikbaar
– Tijdelijk profiel (DKDL in kaart brengen)
– Profiel DKDL 1: draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, lage ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 2: draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, gemiddelde ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 3: draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, hoge ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 4: draagkrachtig, verhoogde draaglast, lage ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 5: draagkrachtig, verhoogde draaglast, gemiddelde ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 6: draagkrachtig, verhoogde draaglast, hoge ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 7: verminderd draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, lage ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 8: verminderd draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, gemiddelde ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 9: verminderd draagkrachtig, geen verhoogde draaglast, hoge ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 10: verminderd draagkrachtig, verhoogde draaglast, lage ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 11: verminderd draagkrachtig, verhoogde draaglast, gemiddelde ondersteuningsbehoefte
– Profiel DKDL 12: verminderd draagkrachtig, verhoogde draaglast, hoge ondersteuningsbehoefte
4. Administratieverplichting
In de administratie van de zorgaanbieder worden per cliënt opgenomen:
– de gekozen antwoordoptie(s) die volgen uit de initiële vragen van de case-mix vragenlijst (artikel 6.3.a);
– indien uit de initiële vragen volgt dat de DKDL vragen ingevuld dienen te worden, de gekozen antwoordopties bij alle DKDL vragen van de case-mix vragenlijst (artikel 6.3.b).
– het volgens het DKDL model naar voren gekomen cliëntprofiel.
Bovengenoemde onderdelen worden geadministreerd bij indicatie en bij herindicatie. Dat betekent dat wanneer er voor de betreffende cliënt wijzigingen optreden die aanleiding zijn voor een herindicatie, dit ook een aanleiding is om de gekozen antwoordopties bij de case-mix vragenlijst en een mogelijk gewijzigd cliëntprofiel te administreren.
5. Registratieverplichting
De zorgaanbieder registreert op grond van deze regeling per cliënt het uit het DKDL model naar voren gekomen cliëntprofiel van de cliënt.
Wanneer er voor de betreffende cliënt wijzigingen optreden die aanleiding zijn voor een herindicatie, is dit ook een aanleiding om een mogelijk gewijzigd cliëntprofiel te registreren.
6. Informatieverplichting bij declaratie
Bij de declaratie van de prestatiebeschrijvingen onder 6.1 van deze Regeling wordt het cliëntprofiel (artikel 6.3.c) dat op grond van artikel 6.5 is geregistreerd, vermeld.
7. Uitzondering in geval van privacy bezwaren
De informatieverplichting als genoemd in artikel 5.6 is niet van toepassing wanneer op initiatief van de cliënt en de zorgaanbieder gezamenlijk een privacyverklaring is ondertekend (bijlage 1 bij deze regeling). De zorgaanbieder houdt de privacyverklaring in zijn administratie en stelt die op verzoek van de zorgverzekeraar beschikbaar.
- Citeren als
- Art. 6
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0048556
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl