BWBR0048470
Geldig vanaf 2023-09-01
Artikel 4
Besluit instelling personeelsraadgever EZK
1. De personeelsraadgever EZK oefent zijn functie zonder last of ruggespraak uit. Alle verzoeken worden vertrouwelijk behandeld en alleen met toestemming van de desbetreffende aanvrager met anderen dan de personeelsraadgever EZK gedeeld.
2. De personeelsraadgever EZK kan de behandeling van bemiddelingsverzoeken achterwege laten indien de vraag, in overleg met de medewerker, via een andere voorziening opgepakt wordt.
3. Indien de personeelsraadgever EZK om andere redenen besluit behandeling van het verzoek van de medewerker achterwege te laten, doet hij daarvan zo spoedig mogelijk, onder vermelding van de redenen, mededeling aan de betrokken medewerker. Indien de medewerker dit verzoekt, kan de mededeling op schrift worden gesteld.
4. Indien behandeling van het verzoek achterwege wordt gelaten vanwege het feit dat er voor de medewerker een andere voorziening openstaat, wordt deze hierop gewezen door de personeelsraadgever EZK.
2. De personeelsraadgever EZK kan de behandeling van bemiddelingsverzoeken achterwege laten indien de vraag, in overleg met de medewerker, via een andere voorziening opgepakt wordt.
3. Indien de personeelsraadgever EZK om andere redenen besluit behandeling van het verzoek van de medewerker achterwege te laten, doet hij daarvan zo spoedig mogelijk, onder vermelding van de redenen, mededeling aan de betrokken medewerker. Indien de medewerker dit verzoekt, kan de mededeling op schrift worden gesteld.
4. Indien behandeling van het verzoek achterwege wordt gelaten vanwege het feit dat er voor de medewerker een andere voorziening openstaat, wordt deze hierop gewezen door de personeelsraadgever EZK.