BWBR0048176
Geldig vanaf 2025-11-17
Artikel 3
Subsidieregeling praktijkgerichte havo
1. De minister kan aan een bevoegd gezag van een school die havo aanbiedt of een vavo-instelling die havo aanbiedt, toestemming verlenen op grond van artikel 9.3 WVO 2020om deel te nemen aan het doorontwikkeltraject of de pilot met de praktijkroute havo-Educatie voor de schooljaren 2023/2024 tot en met 2026/2027.
2. De minister kan in de kalenderjaren 2023, 2024, 2025 en 2026 subsidie verstrekken aan een bevoegd gezag van een school die havo aanbiedt of een vavo-instelling die havo aanbiedt voor het starten met één of meerdere concept-examenprogramma’s als onderdeel van het onderwijsprogramma voor leerlingen in het vierde en het vijfde leerjaar van het havo in de schooljaren 2023/2024, 2024/2025, 2025/2026, 2026/2027 en 2027/2028. De subsidie wordt ingezet voor de uitvoering van een of meerdere van de volgende activiteiten:
a. voor de voorbereiding van het implementeren en het door ontwikkelen van de concept-examenprogramma’s met ondersteuning van de Stichting Leerplanontwikkeling;
b. voor deelname aan de landelijke monitorings-, scholings- en kennisdelingsactiviteiten;
c. voor het ontwikkelen en aanbieden van praktische en realistische opdrachten aan leerlingen binnen en buiten de school;
d. voor het opbouwen en onderhouden van een netwerk met het bedrijfsleven en maatschappelijke instellingen in de regio; en
e. voor het opzetten of intensiveren van een samenwerking met het hoger beroepsonderwijs ten behoeve van het opbouwen en onderwijzen van een of meerdere concept-examenprogramma’s.
3. In afwijking van het eerste lid heeft de toestemming van de Minister om deel te nemen aan de pilot met de praktijkroute havo-Educatie, uitsluitend betrekking op de schooljaren 2023/2024 en 2024/2025.
4. In afwijking van het tweede lid kan de Minister voor de praktijkroute havo-Educatie uitsluitend subsidie verstrekken in de kalenderjaren 2023 en 2024.
5. De minister verstrekt aan de bevoegde gezagsorganen van de in bijlage 1genoemde vestigingen voor de kalenderjaren 2025, 2026 en 2027 ambtshalve jaarlijks een aanvullende subsidie voor de uitvoering van de activiteiten, bedoeld in het tweede lid.
2. De minister kan in de kalenderjaren 2023, 2024, 2025 en 2026 subsidie verstrekken aan een bevoegd gezag van een school die havo aanbiedt of een vavo-instelling die havo aanbiedt voor het starten met één of meerdere concept-examenprogramma’s als onderdeel van het onderwijsprogramma voor leerlingen in het vierde en het vijfde leerjaar van het havo in de schooljaren 2023/2024, 2024/2025, 2025/2026, 2026/2027 en 2027/2028. De subsidie wordt ingezet voor de uitvoering van een of meerdere van de volgende activiteiten:
a. voor de voorbereiding van het implementeren en het door ontwikkelen van de concept-examenprogramma’s met ondersteuning van de Stichting Leerplanontwikkeling;
b. voor deelname aan de landelijke monitorings-, scholings- en kennisdelingsactiviteiten;
c. voor het ontwikkelen en aanbieden van praktische en realistische opdrachten aan leerlingen binnen en buiten de school;
d. voor het opbouwen en onderhouden van een netwerk met het bedrijfsleven en maatschappelijke instellingen in de regio; en
e. voor het opzetten of intensiveren van een samenwerking met het hoger beroepsonderwijs ten behoeve van het opbouwen en onderwijzen van een of meerdere concept-examenprogramma’s.
3. In afwijking van het eerste lid heeft de toestemming van de Minister om deel te nemen aan de pilot met de praktijkroute havo-Educatie, uitsluitend betrekking op de schooljaren 2023/2024 en 2024/2025.
4. In afwijking van het tweede lid kan de Minister voor de praktijkroute havo-Educatie uitsluitend subsidie verstrekken in de kalenderjaren 2023 en 2024.
5. De minister verstrekt aan de bevoegde gezagsorganen van de in bijlage 1genoemde vestigingen voor de kalenderjaren 2025, 2026 en 2027 ambtshalve jaarlijks een aanvullende subsidie voor de uitvoering van de activiteiten, bedoeld in het tweede lid.