BWBR0048143
Geldig vanaf 2023-05-11
Artikel 7
Tijdelijke regeling aanvullende bekostiging LOB MBO 2023
1. De verantwoording van de besteding van de aanvullende bekostiging geschiedt in de jaarverslaglegging overeenkomstig de Regeling jaarverslaglegging onderwijs. De verklaring van de accountant bij de jaarrekening bevat tevens een oordeel over de rechtmatige besteding van de aanvullende bekostiging.
2. Het bevoegd gezag beschrijft jaarlijks in XBRL:
a. hoeveel extra fte voor LOB is ingezet;
b. in hoeverre er personeel is vrijgemaakt voor: 1°. het organiseren van meer en effectieve oriënterende beroeps- of bedrijfsbezoeken, waardoor de student met een breed palet aan werkgevers en beroepen kennis maakt;
2°. het begeleiden van studenten tijdens de studie en bij het kiezen van een stageplek en -richting; en
1°. het organiseren van meer en effectieve oriënterende beroeps- of bedrijfsbezoeken, waardoor de student met een breed palet aan werkgevers en beroepen kennis maakt;
2°. het begeleiden van studenten tijdens de studie en bij het kiezen van een stageplek en -richting; en
c. in hoeverre docenten met LOB-taken en loopbaanbegeleiders een bijscholingscursus of -training hebben gevolgd om de LOB-deskundigheid te verbeteren.
3. De aanvullende bekostiging kan ingevolge artikel 9.1, derde lid, onderdeel c, van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWSook worden besteed aan andere activiteiten waarvoor bekostiging wordt verstrekt.
2. Het bevoegd gezag beschrijft jaarlijks in XBRL:
a. hoeveel extra fte voor LOB is ingezet;
b. in hoeverre er personeel is vrijgemaakt voor: 1°. het organiseren van meer en effectieve oriënterende beroeps- of bedrijfsbezoeken, waardoor de student met een breed palet aan werkgevers en beroepen kennis maakt;
2°. het begeleiden van studenten tijdens de studie en bij het kiezen van een stageplek en -richting; en
1°. het organiseren van meer en effectieve oriënterende beroeps- of bedrijfsbezoeken, waardoor de student met een breed palet aan werkgevers en beroepen kennis maakt;
2°. het begeleiden van studenten tijdens de studie en bij het kiezen van een stageplek en -richting; en
c. in hoeverre docenten met LOB-taken en loopbaanbegeleiders een bijscholingscursus of -training hebben gevolgd om de LOB-deskundigheid te verbeteren.
3. De aanvullende bekostiging kan ingevolge artikel 9.1, derde lid, onderdeel c, van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWSook worden besteed aan andere activiteiten waarvoor bekostiging wordt verstrekt.