BWBR0048090
Geldig vanaf 2023-04-22
Artikel 4
Tijdelijk besluit experiment bredere inzet re-integratie-instrumenten
1. Het UWV kan, in afwijking van de artikelen 30a, derde lid, onderdelen b en f, van de Wet SUWI, en 2:30en 3:73a van de Wajong, voor de persoon, bedoeld in artikel 3, de re-integratie-instrumenten inzetten, bedoeld in artikel 30a van de Wet SUWI, paragraaf 4.2 van de Wet WIA, en afdeling 5 van hoofdstuk 2en afdeling 5 van hoofdstuk 3 van de Wajong.
2. Het UWV kan de inzet van de re-integratie-instrumenten beëindigen wanneer de plichten die zijn opgenomen in de re-integratievisie of het re-integratieplan, bedoeld in artikel 30a van de Wet SUWI, niet worden nagekomen.
3. Het UWV beslist uiterlijk 31 december 2026 over de inzet van de re-integratie-instrumenten op grond van het eerste lid.
2. Het UWV kan de inzet van de re-integratie-instrumenten beëindigen wanneer de plichten die zijn opgenomen in de re-integratievisie of het re-integratieplan, bedoeld in artikel 30a van de Wet SUWI, niet worden nagekomen.
3. Het UWV beslist uiterlijk 31 december 2026 over de inzet van de re-integratie-instrumenten op grond van het eerste lid.