BWBR0047811
Geldig vanaf 2023-01-25
Artikel 2
Mandaatbesluit APG DWS en Fondsenbedrijf N.V. uitvoering Appa
De Minister verleent aan de directeur van APG DWS en Fondsenbedrijf N.V. het volgende mandaat:
1. De directeur van APG DWS en Fondsenbedrijf N.V. is bevoegd om namens de Minister al die besluiten te nemen die de Minister bij of krachtens de regelingen bevoegd is te nemen.
2. De directeur van APG DWS en Fondsenbedrijf N.V. is bevoegd om in het kader van de uitvoering van de regelingen namens de Minister te beslissen op bezwaarschriften tegen besluiten bedoeld in het eerste lid, met dien verstande dat degene die betrokken is bij het besluitvormingsproces ten aanzien van het bezwaarschrift niet ook betrokken is geweest bij het besluitvormingsproces in eerste aanleg.
3. De bevoegdheid als bedoeld in het tweede lid omvat tevens de bevoegdheid om een hoorprocedure in te richten conform de bepalingen van de Algemene wet bestuursrecht.
4. De directeur van APG DWS en Fondsenbedrijf N.V. is bevoegd om namens de Minister in rechte op te treden indien tegen een besluit, bedoeld in het eerste lid, beroep wordt ingesteld. Hij kan ten aanzien van deze bevoegdheid ondermandaat verlenen aan onder hem ressorterende functionarissen.
5. Opdrachtnemer informeert de opdrachtgever over bezwaarschriften waarin de rechtsgeldigheid van de toegepaste regeling of van onderdelen daarvan ter discussie wordt gesteld.
1. De directeur van APG DWS en Fondsenbedrijf N.V. is bevoegd om namens de Minister al die besluiten te nemen die de Minister bij of krachtens de regelingen bevoegd is te nemen.
2. De directeur van APG DWS en Fondsenbedrijf N.V. is bevoegd om in het kader van de uitvoering van de regelingen namens de Minister te beslissen op bezwaarschriften tegen besluiten bedoeld in het eerste lid, met dien verstande dat degene die betrokken is bij het besluitvormingsproces ten aanzien van het bezwaarschrift niet ook betrokken is geweest bij het besluitvormingsproces in eerste aanleg.
3. De bevoegdheid als bedoeld in het tweede lid omvat tevens de bevoegdheid om een hoorprocedure in te richten conform de bepalingen van de Algemene wet bestuursrecht.
4. De directeur van APG DWS en Fondsenbedrijf N.V. is bevoegd om namens de Minister in rechte op te treden indien tegen een besluit, bedoeld in het eerste lid, beroep wordt ingesteld. Hij kan ten aanzien van deze bevoegdheid ondermandaat verlenen aan onder hem ressorterende functionarissen.
5. Opdrachtnemer informeert de opdrachtgever over bezwaarschriften waarin de rechtsgeldigheid van de toegepaste regeling of van onderdelen daarvan ter discussie wordt gesteld.