BWBR0047795
Geldig vanaf 21-01-2023
Artikel 5
Instellingsbesluit Adviescollege Toetsing Regeldruk
1. Het adviescollege brengt een advies als bedoeld in artikel 2, tweede lid, uit binnen vier weken na ontvangst van de in artikel 4 bedoelde stukken, of binnen de gestelde consultatie- of adviestermijn indien deze op een later tijdstip eindigt.
2. Indien de in artikel 4 bedoelde stukken inhoudelijk zodanig complex zijn dat het adviescollege zich niet in redelijkheid binnen de in het eerste lid bedoelde termijn een afgewogen oordeel kan vormen over de gevolgen voor de regeldruk, en het adviescollege niet reeds in een eerdere fase inhoudelijk betrokken is geweest bij de voorbereiding van het concept, kan het adviescollege besluiten zijn advies ten hoogste vier weken later uit te brengen. Het adviescollege stelt de minister die het aangaat, daarvan onverwijld op de hoogte.
3. Indien na het uitbrengen van het advies maar voor de besluitvorming in de ministerraad de voorgenomen regelgeving wordt gewijzigd in die zin dat er aanmerkelijke gevolgen zijn voor de regeldruk, stelt de minister die het aangaat het adviescollege al dan niet op verzoek van het adviescollege in staat binnen twee weken na ontvangst van de gewijzigde stukken een aanvullende zienswijze te geven. Indien de gewijzigde stukken inhoudelijk zodanig complex zijn dat het adviescollege zich niet in redelijkheid binnen de termijn van twee weken een afgewogen oordeel kan vormen over de gevolgen voor de regeldruk kan het adviescollege besluiten zijn aanvullende zienswijze ten hoogste twee weken later uit te brengen. Het adviescollege stelt de minister die het aangaat van het voornemen om een aanvullende zienswijze te geven en van een verlenging van de termijn van twee weken onverwijld op de hoogte.
2. Indien de in artikel 4 bedoelde stukken inhoudelijk zodanig complex zijn dat het adviescollege zich niet in redelijkheid binnen de in het eerste lid bedoelde termijn een afgewogen oordeel kan vormen over de gevolgen voor de regeldruk, en het adviescollege niet reeds in een eerdere fase inhoudelijk betrokken is geweest bij de voorbereiding van het concept, kan het adviescollege besluiten zijn advies ten hoogste vier weken later uit te brengen. Het adviescollege stelt de minister die het aangaat, daarvan onverwijld op de hoogte.
3. Indien na het uitbrengen van het advies maar voor de besluitvorming in de ministerraad de voorgenomen regelgeving wordt gewijzigd in die zin dat er aanmerkelijke gevolgen zijn voor de regeldruk, stelt de minister die het aangaat het adviescollege al dan niet op verzoek van het adviescollege in staat binnen twee weken na ontvangst van de gewijzigde stukken een aanvullende zienswijze te geven. Indien de gewijzigde stukken inhoudelijk zodanig complex zijn dat het adviescollege zich niet in redelijkheid binnen de termijn van twee weken een afgewogen oordeel kan vormen over de gevolgen voor de regeldruk kan het adviescollege besluiten zijn aanvullende zienswijze ten hoogste twee weken later uit te brengen. Het adviescollege stelt de minister die het aangaat van het voornemen om een aanvullende zienswijze te geven en van een verlenging van de termijn van twee weken onverwijld op de hoogte.
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0047795
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl