BWBR0047744
Geldig vanaf 01-05-2023
Artikel 20
Verordening op de organen voor de Beroepsreglementering
1. Bij de inwerkingtreding van deze verordening:
a. is de Collegevoorzitter de persoon die door het bestuur voordien is benoemd tot voorzitter van het Adviescollege beroepsreglementering;
b. is de plaatsvervangend collegevoorzitter de persoon die door het bestuur voordien is benoemd tot plaatsvervangend voorzitter van het Adviescollege beroepsreglementering; en
c. zijn de andere collegeleden de personen die door het bestuur voordien zijn benoemd tot lid van het Adviescollege beroepsreglementering.
2. In afwijking van artikel 9, vierde en vijfde lid, kan een persoon, bedoeld in het vorige lid, eenmaal worden herbenoemd voor een periode van vier jaren tenzij deze bij de inwerkingtreding van deze verordening reeds is herbenoemd als lid van het Adviescollege beroepsreglementering.
a. is de Collegevoorzitter de persoon die door het bestuur voordien is benoemd tot voorzitter van het Adviescollege beroepsreglementering;
b. is de plaatsvervangend collegevoorzitter de persoon die door het bestuur voordien is benoemd tot plaatsvervangend voorzitter van het Adviescollege beroepsreglementering; en
c. zijn de andere collegeleden de personen die door het bestuur voordien zijn benoemd tot lid van het Adviescollege beroepsreglementering.
2. In afwijking van artikel 9, vierde en vijfde lid, kan een persoon, bedoeld in het vorige lid, eenmaal worden herbenoemd voor een periode van vier jaren tenzij deze bij de inwerkingtreding van deze verordening reeds is herbenoemd als lid van het Adviescollege beroepsreglementering.
- Citeren als
- Art. 20
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0047744
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl