BWBR0047625
Geldig vanaf 05-04-2021
Artikel 3
Vrijstelling voortdurend toezicht op stilliggende binnentankschepen in de havens van Rotterdam 2021
Deze vrijstelling geldt niet op de ligplaatsen bedoeld in artikel 2 van het Verkeersbesluit gebieden ‘gemengd afmeren’, zijnde:
a. de ligplaatsen gelegen aan steiger 7 en 8 in het Hartelkanaal ter hoogte van oeverfrontnummer 6079 en 6081;
b. de ligplaatsen gelegen aan de Antarcticakade tussen de bolders 9 tot en met 32 ter hoogte van de oeverfrontnummers 8244 en 8249;
c. de steiger 2 in de 2e Petroleumhaven ter hoogte van oeverfrontnummer 3008, of;
d. de ligplaatsen gelegen aan steigers 2, 3, 4 en 5 in het Calandkanaal, ter hoogte van oeverfrontnummers 5389, 5387, 5385 en 5384.
a. de ligplaatsen gelegen aan steiger 7 en 8 in het Hartelkanaal ter hoogte van oeverfrontnummer 6079 en 6081;
b. de ligplaatsen gelegen aan de Antarcticakade tussen de bolders 9 tot en met 32 ter hoogte van de oeverfrontnummers 8244 en 8249;
c. de steiger 2 in de 2e Petroleumhaven ter hoogte van oeverfrontnummer 3008, of;
d. de ligplaatsen gelegen aan steigers 2, 3, 4 en 5 in het Calandkanaal, ter hoogte van oeverfrontnummers 5389, 5387, 5385 en 5384.
- Wet
- Vrijstelling voortdurend toezicht op stilliggende binnentankschepen in de havens van Rotterdam 2021
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0047625
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl