BWBR0047473
Geldig vanaf 2022-11-15
Artikel 11
Besluit experiment onderwijszorgarrangementen
1. Onze Minister monitort de onderwijszorgarrangementen van 1 januari 2023 tot 1 januari 2026.
2. Onze Minister onderzoekt voor het verslag over de doeltreffendheid en de effecten van het experiment in de praktijk in elk geval of het experiment leidt tot een:
a. toename van het aantal jongeren met een complexe ondersteuningsbehoefte die onderwijs volgen;
b. afname van het aantal leerlingen met een complexe ondersteuningsbehoefte die uitvallen van school;
c. verbetering van de mate waarin onderwijs en zorg aansluiten bij de behoeften van leerlingen met een complexe ondersteuningsbehoefte.
3. Het bevoegd gezag, het samenwerkingsverband en de jeugdhulp- of zorgaanbieder werken mee aan de monitoring van het experiment door Onze Minister en aan de totstandbrenging van het verslag, bedoeld in het tweede lid.
4. Onze Minister kan de resultaten van de monitoring van het experiment in het belang van informatie-uitwisseling tussen en lering door onderwijszorgarrangementen delen met onderwijszorgarrangementen. De resultaten bevatten geen gegevens die direct of indirect tot natuurlijke personen herleidbaar zijn.
5. Indien Onze Minister besluit het experiment niet om te zetten in een structurele wettelijke regeling, worden geen nieuwe leerlingen toegelaten tot het experiment.
2. Onze Minister onderzoekt voor het verslag over de doeltreffendheid en de effecten van het experiment in de praktijk in elk geval of het experiment leidt tot een:
a. toename van het aantal jongeren met een complexe ondersteuningsbehoefte die onderwijs volgen;
b. afname van het aantal leerlingen met een complexe ondersteuningsbehoefte die uitvallen van school;
c. verbetering van de mate waarin onderwijs en zorg aansluiten bij de behoeften van leerlingen met een complexe ondersteuningsbehoefte.
3. Het bevoegd gezag, het samenwerkingsverband en de jeugdhulp- of zorgaanbieder werken mee aan de monitoring van het experiment door Onze Minister en aan de totstandbrenging van het verslag, bedoeld in het tweede lid.
4. Onze Minister kan de resultaten van de monitoring van het experiment in het belang van informatie-uitwisseling tussen en lering door onderwijszorgarrangementen delen met onderwijszorgarrangementen. De resultaten bevatten geen gegevens die direct of indirect tot natuurlijke personen herleidbaar zijn.
5. Indien Onze Minister besluit het experiment niet om te zetten in een structurele wettelijke regeling, worden geen nieuwe leerlingen toegelaten tot het experiment.