BWBR0047343
Geldig vanaf 21-10-2022
Artikel 4
Beleidsregel budgettair kader Wlz 2022
1. Toedeling budgettair kader Wlz
De Minister van VWS heeft het macrobedrag voor de contracteerruimte voor zorg in natura (zin) en voor het persoonsgebonden budget (pgb) voor de zorginkoop 2022 vastgesteld in de Definitieve kaderbrief Wlz 2022 van 28 september 2021 (kenmerk 3257251-1015438-LZ), aangevuld in het bijbehorende addendum van 7 oktober 2021 (kenmerk 3263842-1017291-LZ), in de reactie op de februaribrief van de NZa van 30 maart 2022 (kenmerk 3334575-1025358-LZ), in de Voorlopige kaderbrief Wlz 2023 van 1 juli 2022 (kenmerk 3381529-1030844-LZ) en in de Definitieve Kaderbrief Wlz 2023 van 29 september 2022 (kenmerk 3440186-1035461-LZ).
Het budgettair kader Wlz voor het jaar 2022 bedraagt € 29.926 miljoen. Dit bedrag is als volgt verdeeld:
a. De contracteerruimte voor zorg in natura (zin) betreft € 26.648 miljoen.
b. Het beschikbare bedrag voor pgb’s betreft € 3.278 miljoen.
Naast het budgettair kader is € 17,5 miljoen beschikbaar specifiek geoormerkt voor innovatie.
2. Opbouw budgettair kader
a. Het startpunt van het Wlz kader 2022 is het Wlz kader 2021 exclusief de incidentele en de geoormerkte middelen en incidentele overhevelingen. Het Wlz kader 2021 bedraagt € 27.733 miljoen. Ten opzichte van de definitieve kaderbrief 2021 is het kader 2021 op grond van het februariadvies, de mei-brief en de augustusbrief met totaal € 711 miljoen verhoogd. Het februariadvies van de NZa heeft geleid tot volledige inzet van de herverdelingsmiddelen van € 100 miljoen. Op grond van de mei-brief van de NZa van 27 mei 2021 (kenmerk 0398197/879957) is het kader 2021 verhoogd met € 452 miljoen. De augustus-brief van de NZa van 31 augustus 2021 (kenmerk 403270/959626) heeft geleid tot een verhoging van het kader 2021 met € 159 miljoen.
b. Specifieke posten in het Wlz-kader 2022 Het startpunt gebaseerd op het Wlz kader 2021 zoals genoemd onder a. wordt verhoogd met de middelen zoals genoemd onder subonderdelen 1° t/m 8° en verlaagd met de middelen zoals genoemd onder subonderdeel 9º op basis van de Definitieve kaderbrief Wlz 2022 van 28 september 2021 (kenmerk 3257251-1015438-LZ), het bijbehorende addendum van 7 oktober 2021 (kenmerk 3263842-1017291-LZ), de reactie op de februaribrief van de NZa van 30 maart 2022 (kenmerk 3334575-1025358-LZ), de Voorlopige kaderbrief Wlz 2023 van 1 juli 2022 (kenmerk 3381529-1030844-LZ) en in de Definitieve Kaderbrief Wlz 2023 van 29 september 2022 (kenmerk 3440186-1035461-LZ).
3. Netto Wlz kader
Het door de Minister van VWS beschikbaar gestelde bedrag voor pgb’s wordt omgerekend tot middelen zin en opgeteld bij het voor zin beschikbaar gestelde bedrag, om zo tot een netto Wlz kader te komen. Dit kader wordt volgens artikel 5 toegedeeld aan de regio’s. Wlz uitvoerder/zorgkantoren kunnen tot 15 november 2021 aangegeven wat het aandeel pgb moet zijn (zie artikel 8). Dit aandeel wordt vervolgens weer gebruteerd (bruteringseffect).
De Minister van VWS heeft het macrobedrag voor de contracteerruimte voor zorg in natura (zin) en voor het persoonsgebonden budget (pgb) voor de zorginkoop 2022 vastgesteld in de Definitieve kaderbrief Wlz 2022 van 28 september 2021 (kenmerk 3257251-1015438-LZ), aangevuld in het bijbehorende addendum van 7 oktober 2021 (kenmerk 3263842-1017291-LZ), in de reactie op de februaribrief van de NZa van 30 maart 2022 (kenmerk 3334575-1025358-LZ), in de Voorlopige kaderbrief Wlz 2023 van 1 juli 2022 (kenmerk 3381529-1030844-LZ) en in de Definitieve Kaderbrief Wlz 2023 van 29 september 2022 (kenmerk 3440186-1035461-LZ).
Het budgettair kader Wlz voor het jaar 2022 bedraagt € 29.926 miljoen. Dit bedrag is als volgt verdeeld:
a. De contracteerruimte voor zorg in natura (zin) betreft € 26.648 miljoen.
b. Het beschikbare bedrag voor pgb’s betreft € 3.278 miljoen.
Naast het budgettair kader is € 17,5 miljoen beschikbaar specifiek geoormerkt voor innovatie.
2. Opbouw budgettair kader
a. Het startpunt van het Wlz kader 2022 is het Wlz kader 2021 exclusief de incidentele en de geoormerkte middelen en incidentele overhevelingen. Het Wlz kader 2021 bedraagt € 27.733 miljoen. Ten opzichte van de definitieve kaderbrief 2021 is het kader 2021 op grond van het februariadvies, de mei-brief en de augustusbrief met totaal € 711 miljoen verhoogd. Het februariadvies van de NZa heeft geleid tot volledige inzet van de herverdelingsmiddelen van € 100 miljoen. Op grond van de mei-brief van de NZa van 27 mei 2021 (kenmerk 0398197/879957) is het kader 2021 verhoogd met € 452 miljoen. De augustus-brief van de NZa van 31 augustus 2021 (kenmerk 403270/959626) heeft geleid tot een verhoging van het kader 2021 met € 159 miljoen.
b. Specifieke posten in het Wlz-kader 2022 Het startpunt gebaseerd op het Wlz kader 2021 zoals genoemd onder a. wordt verhoogd met de middelen zoals genoemd onder subonderdelen 1° t/m 8° en verlaagd met de middelen zoals genoemd onder subonderdeel 9º op basis van de Definitieve kaderbrief Wlz 2022 van 28 september 2021 (kenmerk 3257251-1015438-LZ), het bijbehorende addendum van 7 oktober 2021 (kenmerk 3263842-1017291-LZ), de reactie op de februaribrief van de NZa van 30 maart 2022 (kenmerk 3334575-1025358-LZ), de Voorlopige kaderbrief Wlz 2023 van 1 juli 2022 (kenmerk 3381529-1030844-LZ) en in de Definitieve Kaderbrief Wlz 2023 van 29 september 2022 (kenmerk 3440186-1035461-LZ).
3. Netto Wlz kader
Het door de Minister van VWS beschikbaar gestelde bedrag voor pgb’s wordt omgerekend tot middelen zin en opgeteld bij het voor zin beschikbaar gestelde bedrag, om zo tot een netto Wlz kader te komen. Dit kader wordt volgens artikel 5 toegedeeld aan de regio’s. Wlz uitvoerder/zorgkantoren kunnen tot 15 november 2021 aangegeven wat het aandeel pgb moet zijn (zie artikel 8). Dit aandeel wordt vervolgens weer gebruteerd (bruteringseffect).
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0047343
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl